Hier waak ik
Publius Aurelius 1
Danila Comastri Montanari
Publius Aurelius Statius is nog maar een jongen, bijna zestien jaar oud, als hij al op een slimme manier een misdaad weet op te lossen.
Toen hij opgroeide diende hij in de legioenen, trouwde en scheidde weer. Twintig jaar later, toen Claudius keizer van het Romeinse Rijk was, was Aurelius een senator, een man van aanzien. Aan zijn zijde bevindt zich de trouwe, maar ook sluwe Castor, een Griekse slaaf.
Het is het jaar 44 na Christus als zij met de vriendin van Aurelius, Pomponia, in Baiae op vakantie zijn. Aurelius wil al terugkeren naar Rome, maar als zij een tussenstop maken bij de familie Plautilus wordt zijn hulp ingeroepen.
Deze familie zit zoals vele Romeinse families ingewikkeld in elkaar. Er werd in die tijd heel makkelijk getrouwd, en even makkelijk werd er weer gescheiden als dat economisch voordeel opleverde. Gnaeus is getrouwd met Paulina. Zij hebben samen een zoon, de generaal Fabritius, maar Gnaeus had al kinderen uit eerdere huwelijken: Atticus, Secundus en Tertia.
Atticus was eerder getrouwd met Priscilla, maar heeft haar de laan uit gestuurd en nu is Helena zijn vrouw.
Nu is Atticus dood gevonden in het murenenbassin. Gevallen? Of toch, zoals Aurelius al snel vermoedt, vermoord?
Maar er zijn vele verdachten, veel familieleden die een motief zouden hebben. Hebben zij een alibi?
Het is aan Aurelius om dat uit te zoeken, en al snel krijgt hij nog een moord te onderzoeken: de broer van Atticus, Secundus is eveneens op verdachte wijze gestorven.
En daar blijft het niet bij…
De verdenking gaat vooral naar Fabritius, als blijkt dat er testamentair een groot voordeel is voor een jongen, Silvius, die geen familie is, maar er wel in is opgenomen.
Op de achtergrond speelt het feit dat er een voorspelling was, waarbij feiten genoemd werden die nu blijken te kloppen.
Aurelius wil er niet aan, hij is een epicurist: goden en afgoden, dus ook waarzeggers: allemaal leuk voor het vermaak, maar niet serieus.
Er wordt informatie gegeven over de tijd waarin het verhaal zich afspeelt, maar zonder dat het ergens langdradig wordt of saai. Na het verhaal vinden we enkele appendices: een woordenlijst, een lijst met historische figuren, een plaatsnamenlijst en nog een geschiedenisles.
Het is een detectiveverhaal, zoals Agatha Christie ze schreef: langzaam maar zeker wordt duidelijk hoe het allemaal in elkaar zit, en je bent als lezer een knappe als je het goed voorspeld had!
Boeiend dus tot aan het einde. Vooral de figuur van Castor is vermakelijk. Het zou fijn zijn als ook de andere boeken over deze ‘inspecteur’ vertaald worden!
Danila Comastri Montanari (Bologna, 1948 – 2023) studeerde pedagogiek en politieke wetenschappen aan de Universiteit van Bologna, was lid van Mensa, gaf 20 jaar les.
De lijst met geschreven boeken is lang, maar er zijn er maar een paar naar het Nederlands vertaald.
ISBN 9789401623599 | Paperback | 272 pagina's | Uitgeverij Xander | januari 2025
© Marjo, 9 maart 2025
Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER