Thrillers Leestafel.info

spannende boeken en een beetje fantasy

De dag van de doden
Nicci French


Dit is het laatste boek uit de serie over Frieda Klein.
Het verhaal begint met een auto, die in een winkel tot stilstand komt. De man achter het stuur blijkt al eerder te zijn vermoord.


De studente criminologie Lola Hayes is op zoek naar een onderwerp voor haar scriptie en haar docent suggereert dat ze misschien iets over Frieda Klein kan schrijven. Dat betekent wel dat ze de vrouw op moet zien te sporen, want niemand lijkt te weten waar ze is. Ze voert eerst een gesprek met Hal Bradshaw, die we ook in de eerdere boeken over Frieda Klein zijn tegengekomen en die zich niet bepaald positief over haar uit laat.


De politie wordt ondertussen geconfronteerd met het volgende lijk, dat op een brandstapel staat. Ook dit slachtoffer is al vermoord, voor hij op de brandstapel is gezet. De politie staat voor een raadsel en er vallen meer slachtoffers.


Lola Hayes slaagt er intussen in om Frieda Klein op te sporen, iets waar Frieda niet al te blij mee is, zeker niet als blijkt dat ze Lola Hayes met zich mee moet slepen, omdat die nu zelf ook in gevaar is. De bedreiging komt van Dean Reeves, die in alle boeken over Frieda Klein een belangrijke rol speelt. Het zal tot een confrontatie moeten komen tussen Frieda Klein en Dean Reeves.


Al met al is het een spannend slot geworden van de reeks. Het is aan te raden om eerst de andere boeken uit de serie te lezen, om in ieder geval een beeld te krijgen van alle personen die je in het boek tegenkomt. Het is weliswaar los te lezen, maar dan weet je niet waarom Frieda Klein ondergedoken is en wat de achtergronden van Dean Reeves zijn.


ISBN 978 90 263 3959 2 | Paperback | 366 pagina’s | Ambo Anthos | april 2018
vertaald door Linda Broeder en Els van Son

© Renate, 20 mei 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Ongewenst
Kristina Ohlsson

 

Dit is het eerste boek over Alex Recht en z'n team, dat geholpen wordt door Frederika Bergman. Frederika wordt door het team een beetje als een buitenstaander beschouwd, omdat ze van de universiteit komt en geen carrière bij de politie heeft gemaakt. Met name Peder Rydh beschouwt Frederika Bergman als een ongewenste indringster, die geen verstand heeft van politiewerk en alleen haar gevoelens achterna loopt.


Er is een kind ontvoerd uit de trein en daar de moeder van het kind in scheiding ligt met haar man, die haar regelmatig heeft mishandeld, is de vader natuurlijk de eerste waar de politie aan denkt. Alleen Frederika Bergman heeft ergens het gevoel dat er meer aan de hand is en probeert getuigen te zoeken en mensen te spreken. Dit valt niet goed bij haar collega's, die vinden dat ze geen overbodige dingen moet doen, omdat het duidelijk is dat de vader het kind ontvoerd heeft en dat men dus alleen naar hem op zoek hoeft te gaan.


De vader komt uit een zeer gegoede familie en zijn moeder is van mening dat hij beter geschikt is om het kind op te voeden. Haar schoondochter mag ze niet echt. Ze is van mening dat een vrouw wel moet studeren, maar dat dit alleen van belang is om op niveau te kunnen converseren. Een vrouw hoort thuis te zijn om haar man te dienen. Ze doet alles om haar zoon te verdedigen en haar schoondochter zwart te maken. Voor de momenten waarop hij z'n vrouw mishandeld zou hebben, geeft zij hem een alibi en ze stelt dat ze waarschijnlijk door een minnaar mishandeld is.


Later wordt het kind dood gevonden in Umea, met het woord 'Ongewenst' op het voorhoofd geschreven en dan moet duidelijk zijn dat er meer aan de hand is. Toch blijft men nog altijd geloven dat de vader, die nog steeds niet gevonden is, de dader is.


Door het verhaal heen zien we ook regelmatig hoofdstukken over de echte dader en wat mensen om hem heen. Het boek begint ook met hem, terwijl hij terugdenkt aan z'n jeugd bij iemand die hem haat en hem als slecht beschouwt. Hij ligt in bed met iemand die hij Pop noemt.


Het is een spannend debuut geworden, dat naar meer doet verlangen. Het privéleven van de hoofdpersonen komt niet al te veel aan bod, al lezen we wel dat Peder vreemd gaat met een collega en dat z'n vrouw last heeft van een postnatale depressie. Frederika heeft een geliefde die getrouwd is en Alex is getrouwd. Dan is er nog een vrouwelijke collega die verliefd is op een mysterieuze man. Waarom dit van belang is, wordt later duidelijk.


ISBN 978 90 443 2562 1 | Paperback | 351 pagina’s | House Of Books | mei 2010 | vertaald door Edith Sybesma

© Renate 11 mei 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

DesecretaresseDe secretaresse
Renee Knight

‘Wie had gedacht dat Christine Butcher ooit nog eens met haar naam in de krant zou staan?’

Genoemd persoon woont in De Lauwershof en vertelt hoe haar moment van roem tot stand is gekomen. Het was een jaar eerder, en er ging een periode van bijna vijftien jaar aan vooraf.
Toen was Christine via een uitzendbureau te werk werd gesteld op het hoofdkantoor van de Appleton-supermarkten. De dochter van lord Appleton, merkt haar op en voor ze het weet is ze privésecretaresse van Mina Appleton, een populair figuur op celebrityfeestjes. Vanaf het begin is de relatie bijzonder. Het sollicitatiegesprek vindt bij Mina thuis plaats, waar Mina zegt:

’Ik heb iemand nodig die naast me staat terwijl ik het bedrijf meeneem de toekomst in.’

Die iemand wordt Christine. Toegewijd en trouw als zij van nature is doet zij de dingen die gebeuren moeten bij wijze van spreken al voor Mina zelf weet dat het moet gebeuren. Maar die toekomst had zij waarschijnlijk anders gezien.
Later zal haar gevraagd worden of ze ooit Nee heeft gezegd tegen haar werkgeefster. Het antwoord is ontkennend. Werkelijk alles deed zij en het kostte haar haar huwelijk. Mike, haar echtgenoot, vond een ander en nam hun dochter mee.
Nu ze in haar eentje in De Lauwershof woont, beseft Christine dat ze een bril met donkere glazen op gehad moet hebben. Heeft ze dan nooit gezien wie Mina in werkelijkheid was?
Het is een schok als ze ontdekt dat haar al die jaren een rad voor ogen is gedraaid. Mina spande haar voor haar karretje, praatte al haar foute handelen goed op zo’n manier dat haar steun en toeverlaat het allemaal geloofde.
Christine geloofde dat het nodig was de groente- en fruitleveranciers af te stoten, al gingen zij failliet. Maar wat ze niet wist is dat Mina daar dan weer van profiteerde door hun bedrijven goedkoop op te kopen.
Als Mina, haar chauffeur en ook Christine opgepakt worden vanwege deze praktijken en er een proces volgt, pas dan vallen de schellen van haar ogen. Pas als de aanklager deze woorden uitspreekt:

‘U had een probleem, maar een probleem dat eenvoudig op te lossen leek. Gewoon de meegaande mevrouw Butcher vragen voor u te liegen. Waarom niet haar de schuld geven? En vervolgens haar er in de rechtszaal over laten liegen.’

Maar Christine heeft al die jaren veel gezien en gehoord. En ze heeft een fotografisch geheugen.
Dacht Mina dat ze er mee weg zou komen?
Onderschat de secretaresse niet…


Het verhaal begint achteraan. Christine kijkt terug op wat er gebeurd is en vertelt dan chronologisch vanaf de start van haar carrière. Daardoor begint het verhaal vrij tam. Hier is een goede raad op zijn plaats: doorlezen! Vooral doorlezen!
Want het briesje wordt een storm, een heftige storm met onverwachte windstoten.
Renee Knight houdt de lezer in haar greep door de spanning langzaam op te drijven. Met Christine zie je wat Mina doet, en al interpreteer je dat als lezer anders, je begrijpt ook waarom Christine doet wat ze doet. Zij is een overtuigend, menselijk karakter.

Het boek valt dan ook in de categorie psychologische thriller. En het is er eentje die bij de top hoort!

Renee Knight (1959) werkte als regisseur en scenarioschrijver voor de BBC. In 2013 rondde ze de Faber Writing Academy af. De secretaresse is haar tweede boek.

ISBN 9789026329531 | paperback | 320 pagina's | Uitgeverij Ambo Anthos | april 2019
Vertaald uit het Engels door Bert Meelker

© Marjo, 10 mei 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Een oude vijandEen oude vijand
Joop Hoekman

Ruud Bergman is al drie jaar samen met zijn vriendin Fiona, en ze willen graag een gezinnetje stichten. Maar Ruud heeft een drugsverleden en een flinke schuld. Daar wil hij eerst van af, en daarom gaat hij er nog af en toe op uit om in te breken. Met medeweten overigens van Fiona.


Als hij een kraak zet bij een bungalow neemt hij behalve het reguliere werk dat hij vrij snel kan slijten ook in het voorbijgaan een laptop mee. En als hij deze verkoopt aan zijn heler begint de ellende. Willem is een nerd, een kei in hacken. Nietsvermoedend hackt hij ook de laptop, en bekoopt dat met zijn leven.
Op dat moment heeft de politie geen idee waarom hij vermoord is, en het onderzoek ligt al snel stil.

Enkele maanden later raakt Chris van Lier, die een succesvol accountantskantoor runt met twaalf personeelsleden, betrokken bij een erfeniskwestie. Zakenman Leo Brands is onlangs overleden, en zijn nalatenschap is vrij ingewikkeld. De familie wil een buitenstaander om de boel af te handelen, ze vertrouwen de eigen accountant van Brands, Sloots, niet. Chris maakt afspraken met de notaris, Wijnants, en met Sloots, en begint er aan te twijfelen of het allemaal wel zo makkelijk is als hij verwachtte. Het zaakje stinkt, vindt hij.
Als hij ontdekt dat Brands te maken had met valse eurobiljetten die op ingenieuze manier geproduceerd werden en nauwelijks van echt te onderscheiden zijn, neemt hij contact op met de politie. Maar omdat hij het idee heeft dat die niet geïnteresseerd is gaat hij zelf op onderzoek uit, en raakt verzeild in gevaarlijke situaties. Hij wordt zelfs overvallen en bedreigd.


Als hij ook nog ontdekt dat zijn grootste vijand ook bij die louche zaakjes betrokken is, bijt hij zich er evenwel nog meer in vast. Die vijand is ene Matar, de man die een ongeluk veroorzaakt heeft waarbij de vrouw van Chris is omgekomen en hun dochtertje ernstig gehandicapt is geraakt.
De politie waarschuwt hem er mee op te houden, maar laat nog steeds niet blijken dat zij wel belangstelling hebben bij de ontdekkingen van Chris. Toch hebben ze dat wel degelijk, want de vervalsingen zijn zo goed dat ze het betalingsverkeer in Europa danig kunnen ontwrichten. Maar dat vertellen ze Chris niet, al nemen ze wel maatregelen.


Het boek leest als een trein, mede door een romantische element. Er zijn nogal wat verschillende invalshoeken, die afleiden van de kern, de valsemunterij, maar over het algemeen hapt het verhaal lekker weg. Chris van Lier is een overtuigend personage, gedreven als hij wordt door wraak.
Het verhaal draait dan ook om Chris. Het personage Ruud waarmee het boek begint, komt verder niet meer in het verhaal voor, en eigenlijk zijn maat Willem evenmin. Pas als men ontdekt wat er met de laptop aan de hand was, komt diens dood weer even in de belangstelling.
De schrijfstijl is eenvoudig, zit vol dialogen, waardoor het verhaal ondanks de uitweidingen goed te volgen is.


Joop Hoekman heeft voor dit boek uit eigen ervaring geput, hij heeft ruim 40 jaar bij de politie gewerkt. In een voorwoord legt hij uit dat de manier om vals geld te maken zoals die beschreven wordt in dit boek nog niet bestaat, maar verwacht dat het niet lang op zich zal laten wachten.
Hoekman schreef drie eerdere misdaadromans.


ISBN 9789402237580 | Paperback | 251 pagina's | Uitgeverij Boekscout | oktober 2017

© Marjo, 30 april 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

De Klerck 1
Rechercheur De Klerck en het doodvonnis

P. Dieudonné


Paul Dieudonné heeft met dit boek een eerbetoon willen leveren aan de boeken van Baantjer over rechercheur De Cock en ik moet zeggen dat hij daar wel in geslaagd is. Bij een uitstapje naar Amsterdam komen we nog 2 figuren tegen uit de boeken van Baantjer, die weliswaar niet bij name genoemd worden - hoewel er van één van de figuren wel de voornaam gezegd wordt - maar die voor de lezen van de boeken van Baantjer toch wel herkenbaar zijn.


Dit boek speelt zich af in Rotterdam en dat zorgt wel voor de nodige verschillen met de boeken van Baantjer. Er wordt minder in het boek gelopen en rechercheur De Klerck beklaagt zich over het feit dat hij in Amsterdam wel veel heeft moeten lopen. Ook verbaast het hem dat een getuige van de Erasmusbrug naar het Centraal Station is gelopen, een wandelingetje van nog geen 3 kilometer. Natuurlijk is er ook geen café waar men nog even een afzakkertje neemt om de zaken te bespreken. Het is allemaal wat moderner.
Gebleven is de oudere rechercheur met z'n jongere assistent, terwijl aan het eind van het boek de uitkomst van de zaak nog even nabesproken bij rechercheur De Klerck thuis, iets dat voor zover ik me kan herinneren vooral in de televiesieserie het geval was, hoewel het in de boeken ook wel eens gebeurde.


Het verhaal begint met een inbraak in het kantoor van een ondernemer. Deze Bart Bovend'Eerdt komt later naar het politiebureau, om te zeggen dat het allemaal op een misverstand berust en dat er sprake is geweest van een weddenschap. Men kan dus weinig anders doen dan de verdachte vrijlaten. Deze verlaat met de ondernemer het politiebureau. Een uur later komt het bericht dat Bart Bovend'Eerdt zich op heeft gehangen aan de Erasmusbrug. Op z'n kantoor heeft hij een afscheidsbriefje achtergelaten, maar De Klerck en z'n assistent Ruben Klaver blijven met de nodige onbeantwoorde vragen zitten. Commissaris Hakkel wil dat ze de zaak afsluiten, maar dat doet men niet. Er blijken mensen te verdwijnen, terwijl er ook nog een tweede zelfmoord volgt. De afloop is heel verrassend.


Al met al een leuke politieroman voor de fans van Baantjer en de mensen die fan van Baantjer zouden willen zijn, maar die Amsterdam alleen als '020' kunnen aanduiden, hoewel deze stad ook in dit boek nog even voorkomt. Ik ben benieuwd naar het volgende deel van de serie, waarmee de schrijver kan bewijzen dat hij inderdaad in de voetsporen van Baantjer kan treden.


ISBN 978 94 92715 39 5 | Paperback | 138 pagina’s | E-Pulp Publishers | februari 2019

© Renate 25 maart 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Openbaringen gr novel

 

 

 

 

 

 

 

 

Openbaringen & Openbaringen graphic novel
Miquel Bulnes               Miquel Bulnes
                                        & Job van der Molen

 

Dit boek doet me ergens denken aan een paar boeken die Per Wahlöö - momenteel alleen nog bekend als deel van het duo Sjöwall & Wahlöö, die de boeken over Martin Beck schreven - alleen geschreven heeft. Het boek schetst een somber maatschappijbeeld, terwijl het verhaal zich afspeelt in een anonieme stad in een niet nader te bepalen land.


Bijzonder is dat dit boek tegelijk als roman, en als graphic novel is verschenen. In de graphic novel hebben de mensen allemaal dierenhoofden, hetgeen wat mij betreft niet echt veel aan het verhaal toevoegt. De anesthesist Xavier (Xavi) Miralles wordt afgebeeld met een kippenkop. Andere dierenkoppen die mij opvielen zijn een bedelaar met de kop van een aardvarken, een barbezoeker met een slakkenkop en een crimineel met de kop van een hagedis.


In het eerste hoofdstuk maken we kennis met Xavi, die zichzelf propofol toedient met behulp van een infuus dat hij bij zichzelf aan heeft gebracht. Dit verzacht de werkelijkheid voor hem, hoewel hij het risico loopt dat hij te veel gebruikt en erdoor in slaap valt. Een ander effect is dat hij er van gaat hallucineren, waarbij hij op een gegeven moment ontdekt dat hij ook de hallucinaties van anderen oppikt.


In het tweede hoofdstuk zijn inspecteurs Elvira Muller en Andrej Ruzedski bij het lichaam van Iván Estevez een voormalig rugbyspeler. Deze is ondersteboven opgehangen en leeggebloed. - In de graphic novel is het slachtoffer in twee stukken gehakt. - Het slachtoffer lijkt lid te zijn geweest van een groep van neo-nazi's. Hij werkte voor een onderaannemer die betrokken is bij de gemeentelijke metrowerken en blijkt ook actief te zijn geweest in een religieuze sekte, genaamd De Korintiërs. De hoofdcommissaris vindt dat men niet te veel tijd aan de zaak moet besteden, omdat er ook andere problemen zijn. Er is onrust op een plein in de stad en de veiligheidsdienst wil alles naar zich toetrekken.


De oneven hoofdstukken gaan steeds over Xavier Miralles en de even hoofdstukken over Elvira Muller en Andrej Ruzedski. De paden van deze hoofdfiguren kruisen elkaar en Xavi wordt op een gegeven moment een verdachte, omdat hij gezien is op de plaats waar een tweede slachtoffer, dat op dezelfde manier is vermoord, wordt gevonden.


Na het zesde hoofdstuk wordt er in de hoofdstuktitels ineens afgeteld naar Pasen. Dan moet er volgens De Korintiërs iets groots gebeuren, dan moet de wereld namelijk vergaan. Tegen het einde van het verhaal lopen de strip en de thriller meer uit elkaar. Eerst is er soms een verschil in de volgorde van de scènes, maar naar het einde lijkt er een heel stuk in de graphic novel te ontbreken. In de thriller heeft Cassandra (een vrouw die vreemd genoeg iets in Xavi ziet) op een gegeven moment een Mini, maar de auto in de graphic novel lijkt daar totaal niet op. Over het tekenwerk wil ik me geen oordeel aanmatigen, omdat ik daar niet deskundig in ben, maar mij bekoort het niet echt.


Helaas kan ik niet enthousiast worden over beide boeken. Soms staan er zinnen in, die gezwollen overkomen. Zo lees je in de graphic novel 'Ik voel een vlaag van poëtica opkomen' en wat waarop volgt is zo mogelijk nog meer gezwollen: "...is het nobeler de slingerkogels en de pijlen van het noodlot te ondergaan..." "...of om de wapenen op te nemen tegen de oceaan van zorgen, ze te beëindigen?" "Te sterven, te slapen, niets meer dan dat." Dit stuk staat ook in de thriller. En dan is er de bijna Tarzan-achtige uitspraak van Elvira: "Jij domme rukker. Ik ben recherche." En ergens anders: "Het avondeten, dat tegelijkertijd verbrand is en bevroren, smaakt naar grijstinten en verveling." Opvallend is ook dat de forensisch medewerkers in het tweede hoofdstuk worden aangeduid als 'de forenzen', hetgeen natuurlijk heel wat anders is.


ISBN 978 90 446 4046 5 | Paperback | 286 pagina’s | Prometheus| februari 2019
ISBN 978 90 446 3558 4 | Paperback | 176 pagina’s | Prometheus| maart 2019

© Renate 15 april 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Duister verledenDuister verleden
Een Eyewitness Thriller
Wim Hendrikse

Joop Hamelink gaat bij zijn ouders op bezoek. Werkbezoek deels, want zijn vader runt een detectivebureau, Eyewitness genaamd die lezers van Familiegeheimen en/of Bloedband zeker kennen.
Heeft Joop iets te maken met de vondst van botten bij graafwerkzaamheden aan de nieuwe zeesluis in Terneuzen? Of is hij betrokken bij het onderzoek naar moord van zes maanden eerder. Toen was Erik in het donker van de nacht op weg naar huis en trof een man die er verdacht uit zag en zich zo ook gedroeg. Een inbreker? Erik probeerde zich doodstil te houden, maar het geritsel van de bladeren verried hem. Erik heeft het met zijn leven moeten bekopen. Het ziet er niet naar uit dat deze zaken iets met elkaar te maken hebben, dus Joop benadert ze een voor een.


De botten blijken van een baby te zijn en behoorlijk oud. Maar er wordt een interessant voorwerp gevonden bij de overblijfselen: een barnstenen engeltje. Een voorwerp als dat duikt later ook op andere plaatsen op. Het wordt nog interessant, vindt Joop.
Intussen heeft zijn vriend inspecteur Theo de Rooij hem benaderd: kan Joop eens contact leggen met Linda Francken, de archeoloog die betrokken is bij de zaak van de baby? Er is ingebroken in haar huis.
Bij Linda hoort Joop over het overlijden van haar moeder en het verdwijnen van haar zus. Die zou in een sekte ergens zitten, maar laat niets van zich horen.
Linda vraagt Joop het een en ander uit te zoeken, maar hij voelt zich er niet echt prettig bij.


Intussen is zijn vaders gezondheid er niet beter op geworden, zijn moeder maakt zich grote zorgen. Maar vader Hamelink wil niets weten van rustig aan doen, ook niet wat drank betreft, en hij is een whizzkid op de computer. Zonder hem zou Joop niet veel verder komen.


Terwijl het verhaal zich langzaam ontvouwt, krijgt de lezer veel informatie mee over Zeeland, waar het verhaal zich dus afspeelt. Over het verleden, toen er zich van alles afspeelde aan de grens van Nederland-België, over de watersnood, terwijl in het heden er die geheimzinnige sekte is, waar maar weinig leden zijn. Is Katrina daar inderdaad?
En dan is er nog het raadsel van die barnstenen engeltjes. Stof genoeg voor de nieuwsgierige lezer.


Het is een vrij ingewikkeld verhaal, maar doordat er vaak pauzes ingelast worden en ook de detective alles dan weer op een rijtje zetten, is het goed te volgen. Officieel een thriller waarin akelige moorden plaats vinden, is dit echter vooral een lekker vlot verhaal met een goede spanningsboog, waarin de couleur locale en speurders die gewoon mensen zijn en fouten maken, zorgen voor een onverwachte gemoedelijkheid. Toch zijn er af en toe onverwachte wendingen waardoor de spanning er in blijft.


Wim Hendrikse (1958) woont en werkt in Axel, Zeeland. Naast biograaf van David Bowie is hij schrijver van ‘gezellige’ thrillers over vader en zoon Hamelink en hun detectivebureau Eyewitness.


ISBN 9789463385466 | Paperback | 400 pagina's | Uitgeverij Aspekt | mei 2016

© Marjo, 14 april 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Stoel 7AStoel 7A
Sebastian Fitzek


In Berlijn maakt de hoogzwangere Nele zich klaar om naar de kraamkliniek te gaan waar haar baby geboren zal worden. Zij is een ongehuwde vrouw, in de steek gelaten door haar vriend, die haar levenswijze niet kon waarderen. En die weet dat hij waarschijnlijk niet de vader van het kind is. Even voordat de reeds bestelde taxi arriveert, breekt haar water. Nele is een HIV-patiënte en ze beseft maar al te goed hoe gevaarlijk het kan zijn voor het kind als dat te vroeg komt.
Des te groter is haar wanhoop als blijkt dat de taxi haar niet naar de kliniek brengt, maar naar een afgelegen en verlaten hal. Ze is in handen van een gestoord iemand, die haar vastbindt en een warrig verhaal vertelt over melkproductie. En haar kind laat zich niet tegenhouden…


In Buenos Aires stapt Mats, haar vader, succesvol psychiater, in het vliegtuig om zijn dochter bij te staan. Terwijl hij zijn plaats zoekt, krijgt hij een telefoontje: zijn dochter is in handen is van een nietsontziend ontvoerder, en in verschillende gesprekken wordt hem verteld wat hij moet doen om te voorkomen dat het in Berlijn allemaal fout loopt. Mats heeft flinke vliegangst. Stoel 7A is de plaats waarvan uit een onderzoek is gebleken dat het de beste plek is om te zitten mocht het vliegtuig crashen. Het is dan ook een van de vier (!) plaatsen die Mats gereserveerd heeft.


Het blijkt niet toevallig zo te zijn dat er een bekende aan boord is. Kaja is een ex-patiënt van Mats. Hij heeft haar met succes behandeld nadat zij heeft flinke trauma’s had opgelopen. Ze is nu purser in het vliegtuig. Degene die Mats belt, betrekt haar bij de chantage door dingen van hem te eisen waar Kaja bij betrokken is. Aan hem de keuze, zegt de persoon met vervormde stem aan de telefoon: Het is ofwel hij samen met de 600 passagiers aan boord of Nele en haar kind die er aan gaan…


Behalve de ontvoerder en Kaja zijn er nog meer verknipte personen, maar hun rol is niet voorlopig niet duidelijk. Overigens is ook de rol van Kaja onduidelijk. Het enige waarvan de lezer weet dat het klopt is wat Mats en Nele doormaken. Van hen weten we wat ze willen, en met hen leven we mee. Zij zijn wanhopig, maar blijven vechten en hopen. Mats heeft de hulp ingeroepen van een collega in Berlijn, maar Feline is er eigenlijk niet zo zeker van of ze de man die haar in de steek gelaten heeft wel wil helpen. Zij wil de politie waarschuwen. Maar dat mag ze niet van Mats.


Sebastian Fitzek zet de lezer in een mallemolen waar psychologische overwegingen de mens tot zeer diverse vaak onbegrijpelijke daden brengen. In die mallemolen bevinden zich een drugsverslaafde kruimeldief, een gestoorde actievoerder, een jaloerse vriendin, een verloofde die op zijn aanstaande zit te wachten, en ergens is er iemand die de molen doet draaien. Maar wie is dat?


De hoofdstukken zijn vrij kort en voorzien van onrustbarende cliffhangers: nu eens volgen we Nele in de rol van aanstaande moeder die vecht voor haar kind, dan weer bevinden we ons in het vliegtuig waar Mats wanhopige pogingen doet om te voorkomen dat er een ramp plaatsvindt, maar ook met alle macht probeert om Feline te helpen in haar speurtocht naar de verblijfplaats van Nele.
Een kort bericht voor in het boek en de proloog kun je pas duiden als je het hele verhaal gelezen hebt.


Een spannende psychothriller, met korte hoofdstukken. Een aaneenschakeling van geweld en angsten, daarom niet zo geschikt voor gevoelige lezers. De auteur (1971) verweeft een breed scala aan onderwerpen in het verhaal, waaronder dierenmishandeling en aids. Ook bevat het veel informatie over vliegangst. Fitzek is een belangrijke Duitse auteur van psychologische thrillers, wiens omvangrijke werken in vele talen vertaald zijn.


Sebastian Fitzek is een Duitse schrijver en journalist. Hij studeerde rechtswetenschappen en werkt als journalist en schrijver voor radiostations en tv-zenders. Van zijn psychologische thrillers zijn er miljoenen over de toonbank gegaan in veel verschillende talen.


ISBN 9789044354485| Paperback | 384 pagina’s | Uitgeverij House of the Books | februari 2019
Uit het Duits vertaald door Lucienne Pruijs

© Marjo, 10 april 2019

Lees de reactie op het forum en/of reageer. Klik HIER

SchaduwmanSchaduwman
Phoebe Locke

‘Het verhaal van de familie Banner is geen sensationeel verhaal over een bloederige moord. Het gaat over verdriet, schuldgevoelens en verschrikkelijke geheimen die jarenlang verborgen bleven in de harten van niet één, maar twee families.’

Twee jongere meisjes, Sadie en Helen, stuiten in het bos op Helen, de twaalfjarige zus van Marie, en twee vriendinnen. Die zitten te praten over De Lange Man. Ze maken de jongere meisjes bang met een verhaal over een Schaduw. Ze moeten trouw beloven aan de Lange Man en cadeautjes voor hem neerleggen. Maar is het alleen maar een spookverhaal? Of schuilt hier een waarheid in?

Tien jaar later lopen de zwangere Sadie en haar vriend Miles op een festivalterrein waar Miles ziet dat zijn vriendin vreemd doet.

‘Sadie zei iets tegen degene bij wie ze stond, maar plotseling zag hij angst op haar gezicht. Geschrokken zag hij dat ze achteruitliep bij de schaduw vandaan, met een hand beschermend tegen haar buik geklemd.’


Ze wil er niet over praten, maar als zij na de geboorte van hun dochter Amber ineens verdwijnt vraagt hij zich af wat daar aan de hand geweest is.
Zo goed en kwaad als het gaat voedt hij Amber in zijn eentje op. Alles lijkt goed te gaan. Tot de dag, weer zestien jaar later, dat Sadie ineens weer voor de deur staat. Natuurlijk kunnen ze niet zomaar weer de draad oppakken. Sadie doet nog steeds vreemd, en vertelt niet over waar ze al die tijd geweest is. En waarom zou Amber haar ineens als moeder accepteren?


Sadie krijgt hulp uit onverwachte hoek. Er is een nieuw meisje in de klas gekomen bij Amber, en de twee meisjes lijken goed bevriend te raken. Als de moeder van deze Billie toenadering zoekt tot Sadie, ziet deze dat als een ingang om weer een normaal leven te kunnen leiden.Maar normaal is Sadie niet. Dat ontdekt Miles al gauw. Ze hoort stemmen die ze als kind ook al hoorde.


In het heden, 2018, wordt Amber langdurig geïnterviewd voor een true-crimeserie. De producer hoopt dat Amber zal vertellen over haar kant van de zaak, over de gebeurtenissen die geleid hebben tot de rechtszaak, waarbij Amber beschuldigd werd van moord.


Al deze verhaallijnen wijzen op een warrig verhaal en dat is het dan ook: een raadselachtig verhaal waar de lezer zijn aandacht bij moet houden, omdat er steeds in de tijd gesprongen wordt. Ear staan gelukkig wel jaartallen boven de hoofdstukken, maar er zijn ook nog sms-jes en schuingedrukte stukken tekst. En natuurlijk is er steeds sprake van de schaduw, van de lange man, zonder dat duidelijk wordt wie daarmee bedoeld wordt, en wat zijn bedoelingen zijn.


Het is een bizar verhaal, dat meer raadselachtig dan spannend is. Je wil wel weten hoe het allemaal zit, maar die ontknoping is een beetje een anticlimax. Ook krijg je nauwelijks sympathie voor een van de personages, of het moet Miles zijn, die net als de lezer in het duister tast en zo zijn best doet. Of misschien Greta, de productieassistente, die steeds meer een hekel krijgt aan haar werkgever.


Phoebe Locke (Cambridgeshire) is een pseudoniem voor Nicci Cloke. Onder haar eigen naam schreef ze diverse boeken voor jongeren.


ISBN 9789402730807 | paperback | 320 pagina's | Uitgeverij HarperCollins | januari 2019
Vertaald uit het Engels door Manon Berlang

© Marjo, 7 april 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Onder invloedOnder invloed
Tamara Onos

Renske Nijland stuit tijdens haar hardlooprondje door de Havikerwaard (bij Ellecom in Gelderland) op een visser, die vreemd doet. Als ze vraagt of hij hulp nodig heeft, wijst hij naar de slootkant. Daar vindt Renske het lichaam van een man. Omdat ze niet weet of hij bewusteloos of dood is, probeert ze de man die ze herkend heeft als een goede kennis, te reanimeren. Tevergeefs hoort ze later.


De politie doet de zaak af als verdronken onder invloed. Renske moet toegeven dat beide mannen naar drank stonken, maar omdat ze er van overtuigd is dat Henk, de overledene, niet dronk, gelooft ze er niets van. Bovendien was ze zelf onwel geworden op de bewuste plek en vond ze er later een dode reiger.
Voor de politie, in de persoon van Marcel, een ex-vriend van Renske, en Sara, is de zaak afgedaan. Zij vinden haar maar vervelend als ze blijft aandringen op verder onderzoek.


Maar dat is niet zomaar: Renske die werkzaam is als Hogere Veiligheidskundige en gespecialiseerd is in gevaarlijke stoffen, is erg op haar hoede om niet nog eens een fout te maken. In het verleden was ze betrokken bij een overlijden van een kind. Ook Marcel was daarbij.
Hij heeft eveneens een goede reden om geen fouten te maken, hij is er op uit om overgeplaatst te worden naar de recherche. Ook Sara solliciteert naar die plek.
Intussen raakt de zoon van Renske, Stijn, op school in de problemen. Hij haalt hoge cijfers, maar is een onzekere puber. De populairste jongen op school, Jeffrey, maakt daar handig gebruik van. Jeffrey woont met zijn stiefbroer Klaas op een boerderij. Hij heeft helemaal geen zin in school, maar Klaas wil dat hij zijn diploma haalt. En hij weet Stijn zo ver te krijgen dat hij helpt. Wat begint met onschuldige bijles, ontaardt in chantage, waarbij Jeffrey slinks gebruik maakt van Stijns zwakheid.


Dan wordt er een lijk gevonden in de buurt van een wijngaard, niet ver van de Havikerwaard. Marcel en Sara krijgen allebei de kans om mee te lopen met de recherche die het onderzoek verricht. Het lijkt een afrekening te zijn, verband houdend met drugs.

Intussen heeft Renske zich vastgebeten in haar eigen onderzoek, ze denkt aan een illegale giflozing in de buurt van waar ze de vissers aantrof. Ze werkt een lijstje af van mogelijke bronnen, en stuit daarbij op de rechercheurs, Marcel en Sara dus, die haar heel vervelend vinden.


Lijken aanvankelijk de wegen van Renske en Marcel en van Jeffrey en Stijn elkaar niet te kruisen maar dat verandert natuurlijk. In een meeslepende stijl worden de verhaallijnen aaneengesmeed, waarbij de personage goed uitgewerkt neergezet worden. Het zijn actuele thema’s waar Tamara Onos over schrijft: drugs en illegale lozingen. Ook de keuze om de hoofdpersoon in haar eentje de zorg te laten hebben over twee pubers is een goede: je kan er veel kanten mee op.


Aan het begin van het verhaal vind je een plattegrond, zodat je precies kan volgen hoe alles in elkaar zit. Met vlotte dialogen en op de juiste momenten een versnelling in de schrijfstijl is de spanningsboog zodanig dat je het boek meteen uit wil lezen en dat je uitkijkt naar een vervolg.


Tamara Onos (1972) is arboprofessional. Vandaar het beroep van de hoofdpersoon in dit debuut.


ISBN 9789491875786 | paperback | 210 pagina’s | Uitgeverij Letterrijn | februari 2019

© Marjo, 24 maart 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

De aanslag die moest gebeurenDe aanslag die moest gebeuren
Michiel Janzen

De media staan er vol van: er is een aanslag gepleegd op Gust Dewilde, een extreemrechtse politicus. Dewilde is een Belg met een Vlaamse vader en een Nederlandse moeder, die niet alleen vanwege zijn uiterlijk een opvallende figuur is. Hij predikt een fel nationalistisch beleid, antimoslim, anti asielzoekers.
De aanslag mislukt, maar de verantwoordelijke persoon begint onmiddellijk een nieuwe aanslag te bekokstoven. We volgen vier jonge moslims.


Bart is arabist, en schijft geëngageerde stukken voor de krant. Na een stukgelopen relatie trekt hij in een flat in de Schilderswijk in Den Haag, waar hij al snel kennis maakt met zijn Algerijnse buurman Khadeem Slimani, en niet veel later met het hele gezin, waaronder de oudste dochter Sharifa, die stewardess is bij Royal Jordanian.
Niet veel later wordt hem gevraagd om te bloggen over geradicaliseerde moslims. Hij spreekt Arabisch, heeft een donkere huid, en hij woont op de juiste plek, zegt zijn opdrachtgever. Bart besluit Khadeem in te schakelen, vraagt wat hij weet over ronselaars en foute imams. Als Khadeems vrouw oppert om de artikelen te beginnen bij het begin: ‘Hoe is het jihadisme ontstaan?’ duikt Bart in het leven van de moslim in Den Haag.


Alexander woont ook in Den Haag, maar in een betere buurt. Hij liet zich als PRT-er (Provinciaal Reconstructie Team) uitzenden naar Afghanistan, om een school te bouwen, waardoor hij eveneens een mondje Arabisch spreekt. Zijn broer Bram was bij de Task Force, en is daarbij omgekomen. Alexander is nu werkzaam bij de Gemeente Den Haag. Zijn hobby: dure horloges, dus baalt hij stevig als er op een dag ingebroken is in zijn appartement en de horloges weg blijken te zijn. Niet veel later wordt hij overvallen. 
Een onbekende benadert hem, en maakt duidelijk dat Alexander niet zomaar een doelwit was. Als hij wil weten hoe het zit kan hij bellen, hij geeft Alexander een kaartje en verdwijnt. Natuurlijk belt Alexander en hij spreekt af met de man die zich voorstelt als Rutger. Wie bedreigt Alexander?


‘Gasten die ISA, het Islamitische Front of Al-Nusra een warm hart toedragen. Fundamentalistische fanatiekelingen zijn die wraak willen nemen voor het leed dat hun moslimbroeders is aangedaan. Jihadisten die de strijd niet opgeven maar hier in het Westen voortzetten.’


Wil Alexander undercover gaan en uitzoeken wat er allemaal aan de hand is in de Schilderswijk? Zijn er terroristen actief?
En Alexander wordt Aboe Mansur al-Aziz Nizar, woonachtig in de Schilderswijk.


De drie verhaallijnen komen samen in een superspannende realistisch beschreven ontknoping, je kan alleen maar hopen dat dit nooit werkelijk zal gebeuren.
Het is niet alleen een spannend verhaal. Het is actueel, te meer omdat er uitleg gegeven wordt over de achtergrond van dit soort aanslagen, over jihadisme en radicalisering. Den Haag, met name de Schilderswijk, zal herkenning bieden voor diegenen die daar bekend zijn.
Deze factiethriller (fictie met feiten) kwam uit op de derde dinsdag van september, Prinsjesdag, een dag waarop de geijkte diensten zeer alert zijn op dit soort aanslagen.


Michiel Janzen is als strategy director verbonden aan GBE communicatie in Den Haag. Hij is gespecialiseerd in management en organisatie, militair-strategische vraagstukken, hetgeen je aan dit boek wel kan aflezen. Ondanks de vele informatie zit het verhaal uitstekend in elkaar zonder dat de spanningsboog uit het oog verloren wordt.


ISBN 9789401455626 | paperback| 256 pagina's | Uitgeverij Lannoo | oktober 2018

© Marjo, 8 maart 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Mijn kartonnen broerMijn kartonnen broer
Ronald van den Broek

Mila van Efferen runt samen met haar vriendin Nynke een fysiotherapiepraktijk in Rotterdam. Vijf jaar eerder zijn haar ouders omgekomen bij een terroristische aanslag op een lunchroom in Amsterdam. Een Joodse lunchroom waar hun aanstaande schoonzoon, Nathan, hen mee naar toe nam. Nadien is haar leven niet meer hetzelfde geweest, mede doordat ze haar broer Julian uit het oog verloor.


Als er een rouwkaart op de mat valt, niet bij haar thuis, maar de praktijk, heeft ze geen idee wat de Finse tekst wil vertellen, maar als het vertaald wordt beseft ze: het moet haar broer zijn die overleden is. Hals over kop vertrekt ze naar Finland, ze moet zekerheid hebben. Ze beseft al snel dat de laatste ontmoeting die ze met Julian had een afscheid geweest moet zijn. Hij gaf haar een briefje met plaatsnamen:


‘Dit zijn de plaatsen die we samen gaan bezoeken.’
‘Sure,’ zei ik neutraal en stopte het papiertje zonder er ook maar een blik op te werpen in de achterzak van mijn spijkerbroek.
‘Hé, ik meen het.’
Hij stootte me speels aan.
‘Dat weet ik.’
’En je gaat er ook heen als ik straks onverhoopt hier voor de deur wordt doodgereden.’


Achteraf weet ze dat Julian toen al wist dat zijn leven niet zeker was, maar op dat moment maakte ze er een grapje van. Maar ze weet: ze zal doen wat hij gevraagd heeft: ze moet op al die plaatsen een foto maken van zichzelf, met een foto van hem ernaast. De kartonnen broer.
Ze gaat op reis, laat Nynke die zich ernstig zorgen maakt, achter met een vervanger.
Maar Mila maakt zich geen zorgen, ze heeft een man ontmoet, Jason, een journalist, die haar helpt.

En hoewel ze zelf in de loop der dingen ergens opmerkt dat ze geen Dan Brown wil zijn, is het toch precies dat wat zij tweeën gaan doen. Van het ene puzzelstukje naar het andere, om te proberen er achter te komen wie de dood van Julian op zijn geweten heeft en wie er achter Mila aan zit. Maar wie is Jason eigenlijk? Waarom wordt de man met wie ze willen praten vermoord? Door wie?

Mijn Kartonnen Broer is een meeslepende thriller, een reuze spannend verhaal, met misschien een wat vergezochte plot. Tegen de tijd dat je dat - misschien - constateert - ben je evenwel al helemaal verslingerd aan de jacht op het ontcijferen van dat plot. Bovendien zit er (ja ja, à la Dan Brown) feitelijke, soms historische informatie, die lekker aanvult, en een intrigerende blik op een eventuele toekomst.
Ronald van den Broek is een schrijver die intussen zijn plaats tussen de thrillerschrijvers ruimschoots verdiend heeft!

Auteur Ronald van den Broek studeerde gezondheidswetenschappen en rechten en werkt als jurist. Na het debuut Varkensbloed in chocolade verscheen in 2016 Beschermduivel.


ISBN 9789493059054 | paperback | 345 pagina's | Uitgeverij Palmslag | februari 2019

© Marjo, 4 maart 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Mendacium IIMendacium II
Sequitur
Guido Strobbe 

De gevangene die wordt vermoord in de Nieuwewandeling gevangenis in Gent is geen onbekende voor wie Mendacium I heeft gelezen. Al snel is duidelijk dat de zaak uit dat eerste deel niet naar tevredenheid van Inspecteur Soetaert afgerond is. Het is dan al wel twee jaar geleden dat ze Matteo Fraeyman opgepakt hebben voor moord en ontvoering, er waren nog losse eindjes.

De moord in de gevangenis wordt gepleegd door een man wiens leven toch al ten einde liep. Hij doodt zichzelf eveneens. Maar waarom? En waar zijn de echtgenote en Eduardo, de zoon van de vermoorde gevangene gebleven?


Opnieuw duikt de inspecteur in het reilen en zeilen van het opvanghuis Tueri, dat in het eerste deel een rol speelde omdat er in de Venice Simplon- Orient-Express geld werd opgehaald ten bate van die instelling.
Soetaert heeft intussen een nieuwe collega gekregen: Julian, een jonge man die net met de hoogste lof is afgestudeerd. Soetaert is er niet blij mee, zo’n knul die hij achterna moet lopen en die hem maar in de weg loopt! Maar al snel moet hij toegeven dat Julian een aanwinst is, omdat hij op de hoogte is van de meest moderne snufjes! Dat blijkt erg handig, want de tegenstander is dat ook! (En Soetaert niet)

Door de andere verhaallijnen krijgt de lezer enig idee welke kant dit verhaal op gaat. Er is een parlementslid met een zwaar zieke dochter die wacht op een donorhart. Er is een arts die hartoperaties doet. En er is Eduardo die ergens in een kelder vastgeketend ligt, en geen flauw idee heeft wat er met hem gebeuren gaat.


Maar de inspecteur weet dat natuurlijk allemaal nog niet, en we volgen hem terwijl langzaam de puzzelstukjes op hun plek vallen. Als je eenmaal begint aan dit verhaal leg je het boek niet meer weg tot de inspecteur alles op een rijtje heeft kunnen zetten. Zal hij ontdekken wie er achter dit alles zit en waarom? Komt hij op tijd achter de verblijfplaats van Eduardo?


Voor het verhaal begint wordt er het een en ander verteld over de gevangenis te Gent, waar Matteo opgesloten zit. Ook over het Adornesdomein en de Jeruzalemkerk in Brugge http://www.adornes.org/nl. Je krijgt onmiddellijk kriebels om eens een uitstapje te maken en de gangen van inspecteur Soetaert te volgen. Toch een leuk extraatje bij een prettig lezende thriller, waarin we opnieuw de Vlaamse humor kunnen proeven.


Guido Strobbe (1956, Sint-Denijs-Westrem bij Gent) was journalist voor Het Nieuwsblad en is leraar grafische media te Brugge. Mendacium II is het vervolg op zijn vijfde thriller, net als zijn eerdere boeken met een historische inslag.


ISBN 9789463382601  | Paperback | 300 pagina's | Uitgeverij Aspekt | augustus 2017

© Marjo, 20 februari 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Mendacium IMendacium
Guido Strobbe 

Een jongedame is aan het hardlopen in het natuurgebied Bourgoyen-Ossemeersen bij Gent als ze stuit op een dode man. Geschrokken belt ze de politie. De man blijkt niets bij zich te hebben, en het duurt even voordat de politie - in de persoon van politie-inspecteur Soetaert en zijn medewerkers - er achter is dat de man een vogelaar is, en vaak in dat natuurgebied te vinden was.


Zijn naam is Mathis Fraeyman. Samen met zijn tweelingbroer Matteo - eveneens een vogelaar! - leidde hij een reisbureau, Viaggi Stravaganti, dat gespecialiseerd is in luxe maar korte trips. Een van de best verkochte reizen is die met de Venice Simplon- Orient-Express, die net weer vertrokken is naar Venetië.
Heel toevallig is Annelies, de zus van de inspecteur, van plan om met haar man in de Italiaanse stad in die trein te stappen. Wie ook aan boord is, is David Tobbers, een treinfanaat, die om een speciale reden deze reis gratis mag maken. Zij leren elkaar kennen en raken betrokken bij een bende die zich bezig houdt met akelige praktijken.


In Gent intussen verdenkt de inspecteur Matteo er van zijn broer vermoord te hebben. Er is namelijk in een oude schrijfmachine bij Mathis thuis een deel van een brief gevonden waarin deze aangeeft dat hij 'de praktijken beu is'. Als Matteo zich op het politiebureau bevindt, meldt zich een getuige, een jongetje dat iets gezien heeft in het park. Maar voor hij zijn verhaal kan doen is hij verdwenen. Weggelopen, zegt zijn moeder. Later wordt het joch dood teruggevonden.


Soetaert bijt zich vast in deze onverkwikkelijke zaak, terwijl Matteo glad als een aal lijkt te zijn en alles ontkent. In de tussentijd lezen we over ongure types die zorgen voor ‘waar’, voor de Belgische markt. Ze maken een fout als ze een jongen ontvoeren wiens oom ook niet al te fris is. Hij belooft zijn zus er alles aan te doen de jongen terug te halen. Ergens in Frankrijk komen de verhaallijnen samen in een spannende apotheose.


Dient Viaggi Stravaganzi als dekmantel voor ongure zaken en wisten beide broers er van?
Waarom moest Mathis dan dood, en wat is de rol van het joch? Wat heeft hij gezien?
Wat voor ‘waar’ wordt met de trein vervoerd?

Echt een Vlaamse thriller: de taal is niet vernederlandst.


‘Verwittigen’ ’een plastieken doos die ze toilet noemen’ ’onnozelaar’ 
‘Ik sta in panne. Kan je me komen depanneren?’ en meer van die voor ons Nederlanders leuke woorden.


Ook het verhaal is bij tijden sappig, bijvoorbeeld als Annelies en haar man misdadigers proberen te overmeesteren. Maar een beetje humor kan geen kwaad, want de kern van het verhaal, de misdaad waar alles om draait, is een gruwelijk gegeven. En spannend is het absoluut!
Stobbe voegt af en toe wat achtergrondinformatie toe aan het verhaal, bijvoorbeeld door Tobbers in contact te brengen met Annelies, die erg geïnteresseerd blijkt te zijn in de geschiedenis van de Oriënt Expres. Dit soort dingen vormen leuke extraatjes in dit verhaal.
Leuk is ook de persoon van Soethaert, die zich hardnekkig vastbijt in het onderzoek, en intussen niet wil scheiden van zijn geliefde autootje, waarvan de dagen evenwel zijn geteld.


Guido Strobbe (1956, Sint-Denijs-Westrem bij Gent) was journalist voor Het Nieuwsblad en is leraar grafische media te Brugge. Mendacium I is zijn vijfde thriller, net als zijn eerdere boeken met een historische inslag.


ISBN 9789461539113  | Paperback | 368 pagina's | Uitgeverij Aspekt
 | mei 2016

© Marjo, 2 februari 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Schaduw over Berlijn Schaduw over Berlijn
Volker Kutscher


We bevinden ons in Berlijn, in de jaren van het interbellum. De eerste wereldoorlog heeft grote wonden geslagen in de Duitse samenleving. De opkomst van het fascisme, protestmarsen in Berlijn, de Russische maffia, en de decadentie die welig tiert in een poging om alle ellende te vergeten en die zich uit in louche uitgaansclubs waar ook drugs circuleren, tegen deze achtergrond speelt het verhaal zich af.

Er wordt een auto met een dode man uit de rivier de Spree gehesen. Het is moord, de man had nooit zelf kunnen rijden gezien zijn kapotte handen en voeten. Hij is gemarteld. Maar wie is hij? Waarom moest hij dood?


Rechercheur Gereon Rath is nog maar net onderdeel van de zedenpolitie, en ziet nu zijn kans schoon: hij wil weer bij moordzaken. Tot voor kort was hij in Keulen rechercheur bij die afdeling, maar er iets faliekant fout gelopen. Berlijn weet niets van zijn verleden, dus waarom zou hij niet proberen te switchen? Hij vertelt niemand waar hij mee bezig is, en probeert op eigen houtje uit te zoeken wie de dode man is. Hij zal de zaak wel oplossen en zo laten zien dat hij meer in zijn mars heeft!


Hij krijgt te maken met vervaarlijke, nietsontziende gangsters, waaronder Russen, waarbij alles lijkt te draaien om een schat: een Russische familie zou ten tijde van de revolutie een grote hoeveelheid goud naar Duitsland hebben vervoerd, maar niemand lijkt te weten waar dat goud gebleven is. Er duikt af en toe een telg van die familie op, een mooie jonge vrouw, en Rath wil graag eens met haar praten. Maar ze ontglipt hem steeds. Een van de partijen die op dat goud uit is is een fascistische groepering.
Als de lezer leest dat er aan een muur van een woonkamer bij een lid van die groepering thuis een foto hangt van ‘een Charlie Chaplin-achtige figuur met een eigenaardige snor’ op, weet die wel hoe laat het is. Maar Rath is zich vanzelfsprekend nergens van bewust.


Van de aantrekkingskracht van de stenotypiste op de afdeling Moordzaken, Charlotte Ritter is hij zich evenwel wel degelijk bewust. Hij doet zijn best haar te veroveren, maar met al zijn geheime bezigheden lijkt hij zichzelf in de vingers te snijden.


Het verhaal speelt in de periode van 28 april tot 21 juni van het jaar 1929, voor, tijdens en na de gewelddadigheden van 1 mei (een bloedige aanvaring vond plaats tussen politie en demonstranten die later als ‘Bloedmei’ bekend werd) te Berlijn. Kutscher beschrijft hoe de stad er in die jaren uit zag en vooral ook hoe de politieke sfeer in Duitsland was, zonder dat hij daarbij de lijn van het verhaal onderbreekt. Er wordt melding gemaakt van het steeds grotere belang dat men hechtte aan sporenonderzoek: de technische recherche ontstond. En de rol van de media, in die tijd vooral kranten, wordt niet vergeten.


De afwisseling tussen beschrijvingen en actie is precies goed. Er zit een behoorlijk tempo in het verhaal en de verwikkelingen worden naarmate het vordert lastiger te volgen maar ook boeiender.
Het personage Rath is zeer menselijk. Hij krijgt met tegenvallers te maken, moet zijn weg zien te vinden in hachelijke situaties, en hoewel hij zijn doel steeds voor ogen houdt, slaat regelmatig de twijfel toe. Wie kan hij vertrouwen? En de verleidingen van de onderwereld waar hij in terechtkomt zijn groot.
Het is een historische spionagethriller, met veel actie en op zijn tijd humor.


De Duitser Volker Kutscher (1962) staat bekend als scenarioschrijver. Zijn omvangrijke boek leest dan ook als een film. En er is al een televisieserie van gemaakt: Babylon Berlin.


ISBN 9789044354461 | paperback | 576 pagina's | The House of the Books | oktober 2018

Vertaald ut het Duits door Janet Blanken

© Marjo, 23 januari 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Kind 39Kind 39
Ilaria Tuti


Het boek begint met een scène die zich afspeelt in Oostenrijk in 1978. Het lijkt meer iets uit een griezelverhaal, dan een thriller. Een vrouw betreed een ruimte die Het Nest genoemd wordt. Hier bevinden zich 40 subjecten en subject 39 is anders dan de anderen. Het experiment waar dit op gebaseerd is, is tussen 1945 en 1946 uitgevoerd door de tot Amerikaan genaturaliseerde Oostenrijkse psychoanalyticus René Spitz. De gebeurtenissen in 1978 komen regelmatig terug in het boek, terwijl er later ook scènes uit 1988 en 1993 volgen. Een deel hiervan worden beschreven door een observator.


Als in de bossen in Noord Italië het lichaam van een man wordt gevonden, waarbij de ogen verwijderd zijn, vermoedt commissaris Teresa Battaglia dat er een seriemoordenaar actief is. Teresa is een oudere vrouw die problemen heeft met haar gewicht en last heeft van diabetes. Tot overmaat van ramp lijkt haar brein haar langzaam in de steek te laten. Ze is niet altijd even vriendelijk tegen haar ondergeschikten en haar onervaren collega Massimo heeft vaak het gevoel dat hij in haar ogen niets goed kan doen.


Het verhaal ontrolt zich langzaam en een belangrijke rol voor een groepje jongens dat met elkaar optrekt en een meisje, dat soms denkt een geest te zien. In het dorp is men niet blij met het onderzoek van commissaris Teresa Battaglia, omdat dit slecht is voor het toerisme.


Het is een spannend boek geworden, met hoofdpersonen die je met je meeneemt. Er zit niet veel privéleven van de politiemensen in, maar ze worden wel personen van vlees en bloed. Ik ben in ieder geval benieuwd naar een volgend boek met deze hoofdfiguren.


Het boek heeft in zekere zin een soort dubbel einde. Dat subject 39 iets met het verhaal te maken heeft, blijkt natuurlijk al uit de titel, maar er duikt ook nog iemand anders op.


ISBN 978 94 0160 9951 | Paperback | 335 pagina’s | Xander Uitgevers | januari 2019
Vertaald door Saskia Peterzon-Kotte

© Renate, 19 januari 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

VerastVerast
Hugo Luijten 

De zesenveertigjarige Commissaris Stef Cools is een eigengereide politieman, en ligt nogal eens dwars, hetgeen hem al enkele keren in de problemen heeft gebracht. Ook heeft het hem zijn huwelijk gekost en woont hij in een kot. Hij brengt veel te veel tijd door in de kroegen van Antwerpen en rookt er stevig op los. Maar waar hij af en toe zijn meerdere hoofdcommissaris Verelst vervloekt, schat hij de waarde van zijn team hoog. En zij hem.


Cools werkt met de Cif, die wonderen doet met alles wat met computers en telefoons te maken heeft; Degraet is een goede ondervrager en Ilse is een dertiger die vaak als profiler fungeert.


Het is Ilse die weet waar Cools zich waarschijnlijk bevindt als er een oproep komt vanwege een brand in een Antwerpse megabioscoop. Ze haalt hem op, voor een gewone brand die behoorlijk uit de hand is gelopen en tientallen slachtoffers kost.

Wat is er gebeurd? Het onderzoek wijst uit dat er geen kortsluiting was, en evenmin een onachtzaam weggegooide sigaret. Is het een terroristische aanslag? Misschien een extremist? Of heeft het te maken met een afrekening tussen bendes? Het feit dat een van de slachtoffers een wapenhandelaar is, doet dat vermoeden. 
Maar als de brandstichter de commissaris belt - toch nogal ongebruikelijk! - en een volgende aanslag pleegt, wil de burgemeester van Antwerpen - van een rechtse partij - dat de politie IS aanwijst als de schuldige, dat is goed voor de verkiezingen die er aan zitten te komen. IS eist de aanslagen ook op, maar Cools denkt dat ze dat altijd doen, ook als ze er niets mee te maken hebben.


‘Met wie heb ik het genoegen?’
‘Dat doet niet ter zake, commissaris,’ kraakte de stem weer. ‘U zult mijn naam gauw genoeg zelf gaan zoeken. Sterker: strikt genomen bent u daar al sinds maandag mee bezig.’
‘Ik ben bang dat ik u niet kan volgen, meneer. Met wie spreek ik?’
Er klonk iets wat op afkeurend gepruttel leek. ‘Ik heb u uitgezocht vanwege uw verstand, commissaris. Stelt u me nu vooral niet teleur!’


Als de dader steeds persoonlijker wordt richting Cools en net zo goed blijkt in IT-zaken en telecommunicatie als de Cif, ontstaat een grimmige wedijver. Het is een flinke kluif voor Cools. De burgemeester eist dat de politie verklaart dat het terroristische aanslagen zijn, en neemt allerlei maatregelen die gericht zijn tegen allochtonen. Hij heeft de media aan zijn kant. Maar Cools blijft beweren dat ze te maken hebben met een enkele dader, met heel andere motieven.


De wisselwerking tussen de dader(s) en Cools vormen een wervelend en spannend verhaal, alsof je er zelf bij bent (wat gelukkig niet het geval is!) Dan zijn daar nog de dwingende burgemeester en de opruiende media, waardoor je als lezer het boek haast niet weg kunt leggen.
Cools is een knorrepot, maar je sluit hem in je hart, omdat dat van hem van goud blijkt te zijn. Hij vloekt en tiert er op los, toont evenwel moed waar dat nodig is. En zo herkenbaar: zijn onkunde wat betreft al die technologische snufjes van deze tijd!
Ook is het een actueel verhaal, terrorisme en extremisme, waarbij verschillende partijen hun eigen gelijk wil halen, waar kennen we het van?


Het verhaal is chronologisch, en speelt zich af in negen dagen. Af en toe voegt de schrijver er een hoofdstuk tussen waarin de lezer de aanslagpleger volgt, zonder te weten wie hij is. Misschien zou je het einde wat kort door de bocht kunnen noemen, maar als je eenmaal weet hoe het allemaal zit hoef je ook geen eindeloze uitleg meer. Prima thriller dus!


Hugo Luijten (1969) is sinds 2016 fulltime schrijver. In 2017 debuteerde hij met Offer voor een verloren zaak die speelt tijdens de Eerste Wereldoorlog. Verast is zijn thrillerdebuut.


ISBN 9789401455640  | Paperback | 368 pagina's | Uitgeverij Lannoo | september 2018

© Marjo, 19 januari 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Wild waterWild water
Thomas van Slobbe


Nog net dertiger, directielid, getrouwde vrouw, en erg aantrekkelijk, dat is Anne.  Wessel, begin twintig, knap en charmant, komt als systeembeheerder op kantoor werken en begint om haar heen te draaien. Anne neemt het initiatief op die stormachtige februaridag (windstoten tot 180 km/uur), als ze Wessel ziet worstelen met zijn fiets. Hij stapt in, in haar opvallende sportwagen en wijst de weg: naar Katwijk. Maar als ze hun behoeftes bevredigd hebben, blijken ze niet meer weg te kunnen: de hele omgeving staat onder water, dat nog verder stijgt.  Wessel bouwt heel kundig een vlot en zo laten ze zich wegdrijven: naar de auto. Er zal toch nog wel droge grond zijn?

Het is het scenario zoals we dat kennen van 1953: allerlei voorwerpen die ronddrijven, een koe die wanhopig probeert op het vlot te komen, de huizen die ze tegenkomen zijn verlaten. Tenslotte weet Wessel een bovenwoning te bereiken, ook leeg. Ze maken het zich zo makkelijk mogelijk met de kleding die ze vinden. Er is geen elektriciteit, geen verwarming, maar wel eten en drinken. Anne wordt ziek. Ze moeten hulp zien te krijgen.


In de tussentijd volgen we ook de bezigheden van helikopterpiloot Patrick van Grondel. Van hem weten we al bij zijn eerste optreden dat hij de dood zal vinden. Hij wordt er in de storm op uit gestuurd om foto’s te maken, speciaal voor de AIVD, die op zoek is naar de sportwagen van Anne. Bij de regering denkt men namelijk dat de dijken niet zomaar doorgebroken zijn, maar  dat er sprake is van een terroristische aanslag die verband houdt met een Bosnisch-Servische gevangene die in Scheveningen zit.
Anne is getrouwd met een hoge piet op het ministerie van Veiligheid en Justitie. Is er sprake van chantage?


Terwijl het water maar blijft stijgen - Leiden, de streek rond Aalsmeer en delen van Delfland zijn al ondergelopen - en er vele doden vallen, concentreert het verhaal zich op enerzijds Anne en Wessel, anderzijds op de piloot en de regering. Is er inderdaad sprake van een aanslag? Of zijn de dijken niet goed onderhouden? Wat als er nog meer water komt, en behalve de Haarlemmermeer ook Rotterdam bedreigd wordt?


Een spannende thriller gebaseerd op iets wat niet eens zo heel buitenissig is. Het zou zo maar kunnen gebeuren! Persoonlijk ken ik de beschreven omgeving niet, maar als de lezer daar toevallig zou wonen, dan is hij voortaan beducht voor stormachtige dagen.
De wateroverlast zelf is heel plastisch beschreven, vooral die scene met de koe, de rillingen lopen over je lijf. Als de lezer geen problemen heeft met een traag begin, en onbeantwoorde vragen, dan heeft hij hier een prima boek aan!


Thomas van Slobbe is één van de meest originele en invloedrijke denkers uit de natuurbeweging. Als directeur van Stichting wAarde staat hij aan de basis van het denken over natuurvervaging en het post-natuurlijk leven. Van Slobbe is auteur van diverse boeken over klimaatverandering (deels onder pseudoniem Ruben van Dijk), en werd in 2009 uitgeroepen tot één van de 100 meest invloedrijke Nederlanders op het vlak van duurzaamheid.


ISBN 9789050116718 | paperback | 280 pagina's | Uitgeverij KNNV | september 2018

© Marjo, 14 januari 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Vraag niet op genadeVraag niet om genade
Max Anger serie 1
Martin Österdahl


In de nacht van 22 op 23 februari 1944 vielen er bommen op Stockholm, afkomstig van Russische vliegtuigen. Zweden was neutraal in de Tweede Wereldoorlog maar had de Duitsers toegestaan om het spoor te gebruiken voor troepentransport naar Noorwegen. Tegelijk was er de oorlog tussen Finland en Rusland en was er in dezelfde nacht een bombardement op Finland.


Vormt een van deze twee feiten de achterliggende oorzaak voor de bommen? Hadden de piloten zich vergist, zoals Rusland later verklaarde? Of was het een waarschuwing voor Zweden zich buiten de oorlog met Finland te houden?
Een van de gevolgen was dat in de wijk Eriksdal het openluchttheater verdween in een krater met een omtrek van ruim vijf meter. Het is verbazingwekkend dat er slechts enkele gewonden vielen!

 

Al eerder zijn er stemmen opgegaan dat er iets heel anders achter stak. Tore Forsberg (1933 – 2008), commissaris bij de Säkerhetspolisen (de Zweedse nationale veiligheidsdienst) opperde dat er sprake was van een pressiemiddel: Rusland wilde dat Zweden een Russische geheim agent zou vrijlaten.


Toen
Martin Österdahl het plan opvatte om een trilogie te gaan schrijven rond het personage Max Anger, maakte hij voor het eerste deel gebruik van bovenstaande feiten, die hij laat meespelen in het verleden van Max. In ‘Vraag niet om genade’ is Max op zoek naar zijn afkomst. 


Het is het jaar 1996, er zijn verkiezingen op handen in Rusland, waar Jeltsin de zittende president is. Max’ geliefde, Pashie Kovalenko werkt in St. Petersburg voor de Zweedse organisatie Vektor, waar Max ook voor werkt, en bestudeerde de achtergronden van de Russische verkiezingen. Tot zij niets meer van zich laat horen!
Zij is een Tataarse dus Russisch. In het verhaal wordt beschreven hoe Stalin het Tataarse volk het liefst zag verdwijnen en daar ook veel moeite voor deed.


Er is een cyberaanval op het telefoonnetwerk in Stockholm, het hele netwerk is lamgelegd. Als Pashie, evenmin nog bereikbaar op haar Zweedse telefoon, uit beeld verdwijnt, laat Max zijn eigen onderzoek even voor wat het is, en vertrekt naar St. Petersburg, maar zijn vriendin blijft spoorloos. Max ontdekt wie er achter de verdwijning zit, en vreest voor haar leven. Terecht, zo lezen we. Ze is in handen van de leider van de Russische organisatie, een meedogenloze man, die tegen de achtergrond van de Russische politiek snode plannen smeedt.
Via deze man komen heden - 1996 - en verleden - 1944 - samen.


Martin Österdahl (1973) studeerde Russisch, Oost-Europese culturen en economie. Hij werkte twintig jaar in de televisiewereld. Ook heeft hij een tijdlang in Rusland gewoond. Zijn werk als producer heeft hem een filmisch oog gegeven en met zijn talent als schrijver zet hij hier een fantastisch debuut neer. Het is een erg spannende thriller die door de vele historische feiten extra boeiend is.
Het is evenwel ook een harde thriller. Als je weet dat er nog twee boeken moeten volgen, kun je op je vingers natellen dat bepaalde personages in leven moeten blijven, maar voor heel veel andere geldt dat niet. En zij vinden hun dood niet in hun eigen bed omringd door hun naasten.
Niet voor tere zieltjes, maar erg goed geschreven en met overtuigende dialogen. Hoewel er veel informatie op de lezer af komt is het verhaal goed te volgen. Het vormt bovendien een uitdaging voor de schrijver: kan een tweede deel nog beter dan dit?


ISBN 9789026336973 | paperback | 511 pagina's | Ambo Anthos | september 2018
Vertaald uit het Zweeds door Neeltje Wiersma

© Marjo, 27 december 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Recensies

Boven