Thrillers Leestafel.info

spannende boeken en een beetje fantasy

Zonder genade
Johan Andersen


Het boek begint met een cursief gedrukt stuk dat uit een spionageroman lijkt te komen. Een man wordt achtervolgd in Amsterdam en ziet nog kans om een paar brieven te posten. Uiteindelijk wordt hij toch gepakt en voor hij sterft komt hij oog in oog te staan met iemand die De Jakhals wordt genoemd, naar de terrorist Ilich Ramírez Sánchez, ofwel Carlos. De naam De Jakhals kreeg hij van de pers.


Neli Panka en Eugène Hamer, die we ook al in het vorige boek van Johan Andersen tegen zijn gekomen worden bij een bizarre moord geroepen. Op een industrieterrein in Zaandam zijn vier dode mannen gevonden. De lichamen hangen op een rij voor de roldeur aan de voorkant van een loods. De mannen hebben een donkere huid en een baard en zijn naakt. Hun buiken zijn opengesneden en weer met grove steken dichtgenaaid. Eugène Hamer heeft z’n uiterlijk veranderd en gebruikt nu de naam Hans Dekker.


Neli Panka heeft ook nog de moorden op 4 andere jonge moslims en voegt deze aan de zaak toe. Een van deze jongens werkte in een garage, waar ook mensen rondlopen met neonazistische sympathieën.
Later ontploft er een bom in een auto bij de Dam en de aanslag wordt opgeëist door een groepering die zich De Discipelen van De Brandende Dageraad noemt en een volgende aanslag wordt aangekondigd. De vraag is echter waar deze plaats zal vinden en het is de taak van Hamer en Panka om dit uit te zoeken.


In het boek lopen verschillende figuren rond, die niet blijken te zijn wie ze voorgeven te zijn, hoewel dat in sommige gevallen pas helemaal tegen het einde van het verhaal blijkt.
Verder is er een politieke partij actief met een charismatische leider, die afkomstig is uit de VVD. Het is geen echt populistische partij, daarvoor zijn de standpunten te genuanceerd. Wat voor rol deze partij precies speelt is ook lang onduidelijk, hoewel het wel duidelijk is dat de aanslagen de partij geen windeieren leggen.


De aangekondigde aanslag weet men niet te voorkomen en Hamer komt oog in oog te staan met De Jakhals. Deze leren we in de cursieve stukken beter kennen, samen met een Russische vrouw, die hem Glava noemt. Zij is medeverantwoordelijk voor de dood van meerdere mensen die geen nut meer hebben voor De Jakhals. Om sporen uit te wissen laat ze de huizen waar de slachtoffers zich bevinden exploderen.


Voorts zijn er ook nog andere activiteiten die het daglicht niet kunnen verdragen, zoals de handel in jonge vrouwen, die terug zijn gekeerd uit Syrië. Al met al is het weer een zeer spannend boek geworden met een behoorlijk ingewikkelde plot en vreemde bondgenootschappen. Ik kijk nu al uit naar het volgende boek over Hamer en Panka.


ISBN 978 94 027 0496 9 | Paperback | 383 pagina’s | Harper Collins | 26 mei 2020

© Renate 5 juli 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Hij noemde me duivelskindHij noemde me duivelskind
Johnny Bollé


Hoewel het verhaal in delen uit elkaar valt is de vijfentwintigjarige homoseksuele Seth toch wel het hoofdpersonage. Hij heeft een akelige jeugd achter de rug, die hij deelde met zijn oudere broer Ramses en zus Isis.


Isis bevindt zich in een inrichting, het gaat niet goed met haar waarschuwt Ramses zijn broer. Maar Seth zoekt allerlei smoesjes om haar niet te hoeven gaan bezoeken, hij heeft genoeg aan zichzelf vindt hij. Hij is aan het verhuizen en heeft net een andere baan. Hij werkt als ‘Head Booker’ (mocht je niet weten wat dat is, het wordt gaandeweg duidelijk) op een modellenbureau, Rochelle’s models. Rochelle kende hem al eerder, en dat ze hem die baan heeft gegeven zet kwaad bloed bij zijn collega’s. En als een van hen, Tara, verdwijnt, moet Seth dan als verantwoordelijke worden aangewezen? Het is wel zo dat zijn voorganger op die plek Becky was, en Becky was een slachtoffer van een seriemoordenaar die in het Antwerpse actief is. Hij wordt de sleutelmoordenaar genoemd, omdat hij in de keel van zijn slachtoffers een sleutel achterlaat.


Erger is dat hij het zelf niet meer weet: hij heeft visioenen van de vrouwen die vastgebonden zitten in de kelder waar zijn moeder hem opsloot. En hij heeft geen idee wat hij die nacht dat Tara verdween gedaan heeft. Geheugenverlies.
Maar de politie pakt hem niet op, en zo gaat Seth met Rochelle en de modellen die mee zullen gaan doen bij de Missverkiezing, naar Ibiza. Een van de modellen is een meisje dat hij zelf gespot heeft: Hope. Zij is ook een verteller. Al wil ze natuurlijk Miss België worden, ze heeft ook nog andere plannetjes, waarvan we niet meteen de achterliggende redenen vernemen.


Als Seth hoort dat de veel oudere fotograaf Simon ook meegaat wordt hij onrustig. Heeft of had hij nu wel of niet een onenightstand met die man? Hij vindt hem wel heel leuk! Tot zijn verbazing gaat zijn broer Ramses ook mee, en nog wel als partner van Rochelle. Maar hij is toch getrouwd?
Op Ibiza gebeurt van alles wat niets met de missverkiezing te maken heeft. Seth wordt onder hypnose gebracht, om te achterhalen wat er die ene nacht gebeurde en in het hotel waar ze bivakkeren vallen slachtoffers.


Het verhaal verloopt volgens het geijkte patroon. Eerst is er de proloog, waarin een vrouw vastgebonden zit en de hamer op zich af ziet komen. Pas als het boek uit is vallen de puzzelstukjes die dit deel van het boek oproepen in elkaar, we moeten het in ons achterhoofd houden.
Daarna volgen verschillende verhaallijnen, met andere vertellende personages: er is Lucifer, de moordenaar, die samenwerkt met het duivelskind van de titel. Wie dat zijn dat weten we natuurlijk niet. De grootste kanshebber is een van de vertellers: Seth, maar ook Simon zou kunnen. Of misschien Hope?
Om het nog ingewikkelder te maken zijn er ook flashbacks, al verduidelijkt het verleden ook wel wat er in het heden gaande is.


Na een vrij ingewikkeld verhaal waarin je als lezer iets vermoedt of een verdenking hebt, maar waarin je steeds op een dwaalspoor gezet wordt door de schrijver volgt dan eindelijk de ontknoping.
Had je het goed? Of zat je er helemaal naast?
Je hebt intussen wel een aantal uren geboeid dit boek zitten lezen, want dat doet Bollé: hij houdt je in de greep! Daar helpen ook de korte hoofdstukken en cliffhangers aan mee.
Bollé is een schrijver die op de kleine dingetjes let en die zijn beschrijvingen goed doseert.


Johnny Bollé schrijft korte verhalen en thrillers. Na Egyptisch Blauw en Bloedmaan is Hij noemde me Duivelskind het derde boek van deze Antwerpse schrijver. Hij combineert zijn baan als fitnessmanager met het schrijven van boeken.

ISBN 9789462421189 | paperback | 285 pagina's | Uitgeverij Kramat | april 2020

© Marjo, 25 juni 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

De wraak van NairghamDe wraak van Nairgham
Het chagrijnige slagzwaard deel 2
Theo Barkel

‘Miurghan? De legendarische magiër? De broer van de schrik van de woestijn, Nairghan? De tiran van Corinthar? Majesteit, wat doet u met deze mensen? U..’ Hij bevroor midden in zijn beweging en staarde nu met onverholen angst naar Myhre, die minzaam glimlachend wachtte op wat komen ging. ‘Als jij...u…Miurghan bent, dan…’ De man slikte hoorbaar en zakte door zijn knieën, Nu was het echter pure angst die zorgde dat alle kracht hem had verlaten. ‘Dan bent u de Woud…’
‘Heks! Dat duurde even zeg!’ onderbrak het zwaard hem.

‘Ik zou de vloer maar weer opzoeken als ik jou was. Ik heb Oma iemand al voor minder zien veranderen in een konijnenk…’

Wie het eerste boek heeft gelezen weer dat het best wel mee valt met het chagrijn dat het slagzwaard ten toon spreidt. Niet omdat het een gewoon zwaard is, want dat is niet zo: Harry is behalve een krachtig magisch wapen een enorme kletskous en hij bemoeit zich graag overal mee. Hij is gemaakt door de tovenaar Miurghan en heeft nog een broer, Kees.

Ook de tovenaar heeft dus een broer, eentje met de ambitie een groot rijk te maken van de landen Potanesië en Corinthar. Daar hebben ze eerder een stokje voorgestoken en hij werd opgesloten in de Onbeschreven Zuilenin het hart van Corinthar. Maar nu is deze Nairghan ontsnapt uit zijn gevangenis en hij is krachtiger dan ooit. En hij wil wraak: zijn broer Miurghan moet er van lusten. Net als hun moeder de Woudheks.

Hiram, de boerenzoon, met wie we in het eerste boek kennis hebben gemaakt., beleeft opnieuw avonturen waarin hij bijgestaan wordt door Harry, het chagrijnige slagzwaard. Zij reizen samen met Miurghan en de Woudheks naar de Zuilen. In hun gezelschap zijn ook Sira en Kamar, de lijfwacht van koning Turon en zijn groepje soldaten.
Er zijn meer mensen op pad: Kantar, Hirams vader, is op zoek naar zijn zoon; Tancur, een vreemde eenling, is eveneens onderweg naar de zuilen omdat hij ontdekt heeft dat Myhre en haar zoon gevaar lopen.
Er dan lopen we af en toe twee struikrovers tegen het lijf, die knap vervelend kunnen zijn.
In een nawoord vertelt Theo Barkel dat hij nooit van plan was om fantasy te schrijven. Wat zijn de fans van het magische slagzwaard blij dat hij door omstandigheden toch aan deze serie begonnen is. We wachten dan ook met ongeduld op meer! Er zijn nog onbeantwoorde vragen…
De geijkte onderdelen die bij fantasy horen zitten in het verhaal: de strijd tussen goed en kwaad, magie en strijd. Maar met de humor die toch wel de boventoon voert is het toch ook weer heel anders.
De vondst van dat magische pratende – en soms chagrijnige – slagzwaard is gewoonweg fantastisch!

Theo Barkel is al vele jaren actief als schrijver. Naast de horrorserie Shadajaël zijn verschillende van zijn korte verhalen gepubliceerd. Tevens is hij jarenlang hoofdredacteur geweest van SF-Terra, één van de oudste SF en Fantasy tijdschriften in Nederland.

ISBN 9789078437741 | Paperback | 221 pagina’s | Uitgeverij Macc | juni 2020

© Marjo, 23 juni 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

De dood in het hospiceDe dood in het hospice
Een Connla Quinn mysterie
David van den Bosch

Privédetective Connla Quinn, onze Nederlands-Ierse Sherlock, krijgt te maken met een eigenaardige opdracht als Marinka Meis zijn hulp komt vragen omdat er volgens haar een moordenaar bezig is in het hospice waar zij de scepter zwaait.
Shirley, zijn beeldschone, maar niet zo slimme secretaresse begrijpt het dan ook niet goed: die mensen komen daar toch al om hun laatste dagen door te brengen, waarom zou je ze dan vermoorden?

Dat is dus precies wat Connla moet onderzoeken: de wie- en waaromvraag zijn in een moordzaak onlosmakelijk verbonden, hier dus ook. De beste manier lijkt hem om zelf vrijwilliger te worden in het hospice en hij vraagt Shirley - tot haar grote vreugde! – met hem mee te gaan.
Het begint met een rondleiding en kennismaking met andere vrijwilligers.
Al meteen constateert Quinn dat de op dat moment enige bewoner bang is. Dat lijkt de leiding heel normaal. In een hospice komt de dood steeds dichterbij.

‘Dan mist u toch het punt, zei Quinn. ‘Hij is bang voor jullie. Hij vertrouwt de vrijwilligers niet.‘

Dit is een staaltje van Quinns opmerkingsvermogen. Hij ziet details die geen ander opmerkt. En hoewel de leidsters het schokkend vinden, moeten ze hem gelijk geven. Maar daarvoor hebben ze hem ook aangenomen, weten ze.

Het komt goed uit dat er een cursusweekend gepland is met de andere nieuwe vrijwilligers, Quinn en Shirley kunnen nog mee. Tijdens dat weekend blijkt Shirley een onverwacht talent te hebben. Tot haar eigen verbazing maakt ze net zo makkelijk als Quinn zelf een praatje met deze en gene en stelt de juiste vragen.
Het weekend is voor Quinn op meerdere terreinen een eyeopener. Het begint er al mee dat het niet anders kan dan dat hij samen met zijn assistente de kamer deelt. Dan hoort hij bij de cursusopdrachten vanwege zijn undercover gewoon mee te doen met de persoonlijke en diepzinnige gesprekken waarin levensvragen behandeld en hij vindt dat niet eens vervelend.
Ook luistert hij geboeid naar wat Shirley vertelt, zo kent hij haar immers niet.
Maar hij herkent zichzelf ook niet. De lezer begrijpt allang wat er aan de hand is, maar kan onze slimme detective er niet mee helpen…

Het feit dat enkele deelnemers aangeven in reïncarnatie te geloven, brengt hem op het idee dat de oplossing van dit mysterie brengt.
Zo wordt het derde mysterie een heel ander soort verhaal dan de eerdere twee. Natuurlijk is er nog steeds het bekende speurwerk, maar nu worden de mensen niet echt onderworpen aan een ondervraging: het zijn ‘gewone’ gesprekken. Dat Quinn op sommige momenten betrokkenen de waarheid vertelt en om hulp vraagt, dat gebeurt hier ook, en dat werkt nog steeds.
De introspectie blijkt hem goed te doen en nu de relatie tot Shirley verandert, zal het vierde mysterie - want dat komt toch wel? – waarschijnlijk van een andere orde zijn.

Overeind blijft dat David van den Bosch weer een heel plezierig verhaal heeft geschreven waarin humor niet ontbreekt. Omdat de verhalen een afgerond plot hebben is het geen noodzaak om de boeken op volgorde te lezen, maar dat levert wel een beter begrip van de relatie tussen de detective en zijn assistente. De twee sympathieke karakters worden uitgediept, en je wordt nieuwsgierig wat er verder met hen gaat gebeuren.

De (tot nu toe) drie boeken in de Connla Quinnserie zijn voorzien van soortgelijke omslag, een sfeervolle foto met op de voorgrond een figuur - Connla, want hij heeft een dikke sigaar in zijn hand en lijkt te staan peinzen op de locatie waar het mysterie zich afspeelt.

David van den Bosch (1982) is schrijver, verhalenverteller en theatermaker. Hij is onder meer de helft van vertellersduo Dá Fhili en spelleider van Terugspeeltheater Amsterdam. Zijn woonplaats is Amersfoort, waar zich ook de verhalen rond Connla Quinn afspelen.

ISBN 9789492055798 | paperback | 140 pagina's | Uitgeverij Nabij Producties | juni 2020

© Marjo, 19 juni 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

De vervangster
Tony Hill thriller 8
Val McDermid


Carol Jordan is weg bij de politie in Bradfield en zou eigenlijk met een nieuwe baan als hoofdinspecteur in West-Mercia beginnen, maar als Jacko Vance haar broer en zijn vrouw vermoord, is haar leven een chaos. Zonder baan trekt ze bij haar ouders in. Het contact met Tony Hill heeft ze verbroken, omdat ze hem de schuld geeft van de moord op haar broer. Hij had moeten doorzien dat Jacko Vance op deze manier wraak zou willen nemen op de vrouw die verantwoordelijk was voor zijn arrestatie.


Bij haar ouders houdt ze het maar een paar weken uit en ze verhuist naar de schuur, waar haar broer en z’n vrouw dood zijn gevonden. Deze heeft ze nu geërfd en ze besluit elk spoor van wat er gebeurd is te verwijderen en er te gaan wonen.


In het eerste hoofdstuk zien we een man, die plannen maakt om de volmaakte vrouw te vinden. Hij heeft haar al op het oog en maakt plannen om haar te ontvoeren. Hij zou net als z’n vader een Aziatische vrouw kunnen nemen, maar hij wil geen postorderbruidje. Als je daarmee voor de dag komt, verlies je toch het respect van je collega’s.


Vervolgens maken we een sprong vooruit in de tijd en als Paula McIntyre voor haar eerste werkdag op bureau Skenfrith Street komt, ziet ze bij de balie een jongen staan die haar bekend voorkomt. Het is Torin, de zoon van een collega van haar vriendin. Hij komt aangifte doen van de vermissing van z’n moeder, maar de man aan de balie zegt dat men niets voor hem kan doen voor z’n moeder 24 uur vermist is. Torin is het daar niet mee eens, omdat z’n moeder niet iemand is die zonder iets te laten weten de hele nacht wegblijft. Paula besluit met de jongen te praten.


Paula is lid van het team van hoofdinspecteur Alex Fielding en wordt bij een moordzaak geroepen. Het slachtoffer is een vrouw, die in een kraakpand wordt aangetroffen en Paula denkt even dat het Carol Jordan is, met wie ze eerder heeft samengewerkt. De vrouw lijkt doodgeknuppeld te zijn en doet ook denken aan Bev McAndrew, de moeder van Torin. Ze is het echter niet. Het slachtoffer blijk Nadia Wilkowa te zijn, die al een aantal weken niet op haar werk is geweest, omdat ze voor haar moeder in Polen moest zorgen. Dat heeft ze in ieder geval aan haar werkgever laten weten. Het lijkt er echter op dat ze het land helemaal niet verlaten heeft.


Later wordt het lichaam van Bev McAndrew gevonden in de buurt van de schuur waar Carol Jordan haar intrek heeft genomen. Carol heeft van haar buurman een hond gekregen. Het is een schapenhond, die bang is voor schapen, waar de buurman dus niets aan heeft, omdat hij de hond anders misschien in moet laten slapen, neemt Carol hem, hoewel ze meer een kattenmens is.


Een bloedvlekje op de mouw van het jasje van Nadia Wilkowa blijkt van Tony Hill te zijn en Alex Fielding laat hem onmiddellijk arresteren. Paula is het daar niet mee eens en probeert Carol om hulp te vragen. Hoewel de verhouding tussen Carol en Tony Hill verstoord is, is ze het met Paula eens dat Tony niet de schuldige is.


Het is weer een spannend boek geworden, waarin natuurlijk ook aandacht is voor het verleden van de dader, terwijl ook het privéleven van de hoofdpersonen een rol speelt. Paula en haar vriendin Elinor ontfermen zich over Torin die, als blijkt dat z’n moeder dood is, niet met z’n tante, die plotseling opduikt, mee wil.
Carol Jordan en Tony Hill zijn de hoofdpersonen in een hele serie boeken van Val McDermid.
Aan het eind van het boek staat ook nog een kort verhaal van 9 pagina’s.


ISBN 978 90 218 1044 7 | Paperback | 415 pagina’s | Luitingh Sijthoff | juni 2014 
vertaald door Frank Lefevere

© Renate 14 juni 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Dodelijk dichtbijDodelijk dichtbij
Jonas Moström

Nathalie Svensson, moeder van twee kinderen, is psychiater van beroep, waardoor ze nogal eens met mensen in aanraking komt die flink gestoord zijn. Ze is gescheiden na een verstikkend huwelijk met Hakan en vindt het heerlijk om, als de kinderen bij hun vader zijn, alle remmen los te gooien. Al zijn de types met wie ze dan te maken krijgt niet altijd even fris.


Op een van die avonden heeft ze de acteur Rickard Ekengård leren kennen, met wie ze nu weer afgesproken heeft, bij een fontein op een plein. Hij staat er al als ze aan komt lopen, maar voor ze hem heeft kunnen benaderen ziet ze hoe een persoon opstaat van een bankje en naar Richard toeloopt. Ze hoort een knal en ziet hoe de onbekende Richard in het water van de fontein gooit.


Deze moord brengt haar tien jaar terug in de tijd, toen haar vriend Adam vermoord werd. Adam was journalist en bezig met een belangrijke zaak. Hij vertelde haar niet waar hij mee bezig was. Ze heeft nog dozen met spullen staan van Adam. Nathalie besluit zelf op onderzoek te gaan en ontdekt ze dat Adam bedreigd werd door een acteur. Niet
door Ekengård, maar door zijn concurrent. Is dit de link tussen de twee moorden?

Adam, Nathalie, Hakan en politie-inspecteur Frank waren een vriendengroep in hun jonge jaren. Nu Frank onderzoek doet naar de moord op de acteur overleggen ze geregeld, al is dat vanuit Franks positie een poging om Nathalie er van te weerhouden zelf in de zaak te duiken, ze luistert niet. Maar het wordt haar niet in dank afgenomen. Ze krijgt dreigbrieven. En iemand in een groene anorak volgt haar. Wat is hier allemaal aan de hand?
Iemand uit haar verleden? Een patiënt? De stalker?

Behalve dat het verhaal af en toe onderbroken wordt door stukjes cursieve tekst vanuit waarschijnlijk de dader zijn er terugblikken naar de tijd met Adam.
Er is een intrigerende proloog: een vrouw loopt via een donker straatje naar huis en wordt overvallen. Ze komt bij op een voor haar onbekende plek. Wie is zij? Wat er verder gebeurt en wat deze proloog met het verhaal te maken heeft, dat wordt pas duidelijk als het boek bijna uit is.


Het is een mix tussen een actiethriller en een detectiveverhaal waarin ook privédingetjes die met het verhaal niet echt iets te maken hebben. Als haar moeder een poging tot zelfdoding doet, is niet duidelijk bij welke van de twee dit feit hoort. Zo zijn er veel dingetjes waarvan pas op het laatst duidelijk wordt welke wel en welke geen verband houden met de moord(en). Dat houdt je als lezer scherp, net zoals de vlotte manier van schrijven dat doet.


Jonas Moström (1973) werkt als huisarts in Stockholm met daarnaast tijd genoeg om te schrijven. Er verschenen al negen boeken voor Dodelijk dichtbij uit kwam. Het is het eerste deel van een serie met Nathalie Svensson in de hoofdrol. Het is ook het eerste boek van zijn hand dat in het Nederlands vertaald werd. Er komen er vast wel meer. De serie met Nathalie Svensson bevat intussen al zes delen.


ISBN 9789026349614 | paperback | 352 pagina's | Uitgeverij Ambo|Anthos | mei 2020
Vertaald uit het Zweeds door Tineke Jorissen-Wedzinga en Sophie Kuiper

© Marjo, 16 juni 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

RadeloosRadeloos
Een Anne Kramerthriller
Joop van Riessen

Je kan niet schrijven over Zuid-Afrika zonder dat het (mede) over racisme gaat, het neemt dan ook een flink deel in van deze thriller. Het verhaal is losjes gebaseerd op feiten. In 2015 verdween namelijk de 21-jarige geneeskundestudente Sophia Koetsier in een wildpark in Oeganda. Er is nooit opgehelderd wat er met haar is gebeurd. Haar wanhopige ouders vroegen Joop van Riessen om raad. Helpen kon hij niet, wel luisteren én er een verhaal over schrijven.

In deze thriller is Julia voor haar stageperiode met twee medestudenten naar KwaZulu-Natal gereisd. Joanne en Claire reisden samen door naar een ziekenhuisje in Lobamba, terwijl Julia zich aanmeldde bij een organisatie die zich bezighield met de bestrijding van HIV en AIDS op locatie. Die organisatie stuurde haar naar de hoofdstad van Swaziland. Daar werd ze opgehaald door een zwarte man die zich voorstelde als Mosie – Moos. Hij zou haar chauffeur en begeleider zijn de komende drie maanden.
Hij leert haar veel over de totaal andere cultuur waar ze mee te maken krijgt, en geeft haar op haar verzoek zelfs schietles. Het is namelijk niet bepaald ongevaarlijk voor een blanke vrouw die van het ene dorp naar het andere trekt.
Na die drie maanden voegt ze zich weer bij haar studiegenoten, die zich hun laatste avond anders hadden voorgesteld, het had een gezellige avond moeten worden. Maar Julia kwam niet opdagen…


Als ze haar vermissing melden kan de politie niet anders dan constateren dat ze verongelukt moet zijn. Haar spullen, inclusief kleren, worden gevonden op het strand waar zich krokodillen bevinden. Van Julia geen spoor. Marjan, Julia’s moeder, die vanaf het begin tegen deze onderneming was, is dan al onderweg naar Zuid-Afrika, om een paar dagen met haar dochter op te trekken en dan samen weer naar Nederland terug te vliegen. Als haar grootste angst werkelijkheid lijkt te zijn geworden, wil ze dat niet geloven en maakt heel wat stampij om meer onderzoek. Julia kan niet dood zijn!


Toevallig is Anne Kramer, chef van de Amsterdamse recherche, ook in die contreien. Ze is met verlof gestuurd, en heeft van de gelegenheid gebruik gemaakt een oude vriend op te zoeken, die min of meer ondergedoken zit in Zuid-Afrika. Vanuit Nederland wordt haar gevraagd eens naar de zaak te kijken.


Door het verhaal van Julia lezen we over wat er na Nelson Mandela terecht gekomen is van zijn anti-apartheidsidealen.
Niet veel dus. Zoals in werkelijkheid ook gebeurt, worden in dit boek erfaanvallen uitgevoerd - in het Afrikaans Plaasmoorde: berovingen van Zuid-Afrikaanse boeren - veelal blanken - met soms een dodelijke afloop. De boerengemeenschap heeft hier vooral sinds het einde van de apartheid mee te maken. Apartheid heerst, zoals Julia dan ook aan den lijve ondervindt doordat ze met Moos optrekt.


‘Ik ben zwart. Jij bent wit. In dit land betekent dat onheil.’


Daarnaast volgen we Anne Kramer, die geneigd is het met Marjan eens te zijn: er is iets vreemds aan de verdwijning van het meisje. Met haar invloedrijke vriend gaat ze op onderzoek uit. Ook is er een journalist, die Anne in de gaten krijgt. Is hij degene die een foto van Anne en haar vriend maakt, zodat men in Nederland in de gaten krijgt wie die vriend is? Anne is woest.


Het verhaal van Julia is fictief, het is een van de vele mogelijkheden die het meisje overkomen kunnen zijn. De Plaasmoorde, de ziektes, de illegale stroperij en de Apartheid, die zijn helaas niet fictief. Al wordt dit boek een thriller genoemd, door deze achtergronden is het meer dan een misdaadverhaal.


Joop van Riessen is voormalig hoofdcommissaris van de Amsterdamse politie. Inmiddels heeft hij zijn eigen onderneming: Joop van Riessen, Communicatie & Advies. In 2009 verscheen zijn eerste politiethriller, Vergelding (shortlist Schaduwprijs 2010). Paniek op de Haarlemmerdijk is de vijfde thriller met Anne Kramer in de hoofdrol. Onlangs zijn de tv-rechten op de Anne Kramerreeks verkocht.


ISBN 9789462971714 | Paperback | 288 pagina’s | Uitgeverij de Kring | april 2020

© Marjo, 14 juni 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

wie zonder zonde isWie zonder zonde is
Bo Svernström


De elfjarige Olinda is niet meer gezien sinds om half drie de school uitging. Haar ouders waren naar een concert, hun telefoon stond uit, zodat de oppas hen niet kon bereiken. Er wordt na de melding bij de politie onmiddellijk een zoektocht gestart, maar het is te laat.
Als Sixten, die met zijn vriendje Nicklas ook op zoek is,vindt haar in een rotsspleet is ze dood, haar hoofd ingeslagen met een steen of iets dergelijks. Nog twee tieners waren in de buurt, bezig met hun eigen zaakjes.
En met al die andere mensen die op de plek rondgebanjerd hebben is spooronderzoek vrijwel onmogelijk.
Rechercheur Carl Edson laat buurtonderzoek doen en ondervraagt alle betrokkenen, onder andere de schoolkinderen.


Als ze zoeken naar eventuele recidivisten - het gaat immers misschien wel om een pedofiel - stuiten ze tenslotte op Robert Lindström. En daarmee komen we op de hoofdfiguur en ik-verteller in dit eerste deel.
Robert Lindström werd als elfjarig jongetje verdacht van moord op een vriendje. Hij zou dat gedaan hebben met een blok beton. Hij herinnert zich er niets van, ook nauwelijks iets van wat daarvoor gebeurd is. Na de moord is hij in een pleeggezin geplaatst en heeft een redelijk normaal leven geleid.
Een paar dagen voor de moord op Olinda heeft een journaliste contact opgenomen met Robert. Lexa wil een boek schrijven, en daarvoor ook Roberts verhaal horen, want dat is nooit verteld. Na een paar gesprekken denkt Lexa dat hij die moord helemaal niet gepleegd heeft. Maar Robert is er van overtuigd, hij heeft het toen ook bekend, en wie zou het anders gedaan hebben? Dat is nu net wat Lexa met zijn hulp wil onderzoeken. Ze bezoeken de betrokkenen van toen.
Het wordt allemaal een stuk ingewikkelder als Robert verdacht wordt het meisje Olinda vermoord te hebben.


De verhaallijnen haken zich in elkaar vast en lijken onontwarbaar te worden. Er ligt een schier onmogelijke taak voor Lexa wil zij haar boek kunnen schrijven. Rechercheur Carl Edson heeft er eveneens een hele kuif aan, en hij moet ook nog omgaan met lastige collega’s. Er vallen nog meer slachtoffers terwijl het een na de andere personage de schuldige lijkt te zijn. De belangrijkste vraag in deze spannende thriller is of Robert schuldig was, en zo niet, waarom hij dan zelf denkt van wel. Het antwoord op deze vraag heeft namelijk veel consequenties.

Het boek bestaat uit drie delen. In deel een is Robert de ik-verteller, een rol die hij verliest in het tweede deel, om hem in het derde deel weer terug te krijgen. In het tweede deel vernemen we meer over zijn verleden, een deel van zijn leven dat hij bewust zou willen vergeten, terwijl hij de herinneringen aan zijn jeugd echt verdrongen heeft. Als deel drie begint, zegt Robert:


‘Dit het vierde feit dat jullie over mij moeten weten: ik hou dingen achter, ik pas het beeld van mezelf aan. (-) Dat zijn dingen waar ik niet over wil praten.’


En terwijl de lezer dan begint te twijfelen aan alles wat hij of zij tot hier toe gelezen heeft, blijft Lexa volhouden. Gelukkig maar. Zo wordt alles toch nog tot een keurige ontknoping gebracht.

Wie zonder zonde is’ is de tweede thriller van Bo Svernström. Zijn speurder is dezelfde, en er zijn dan ook wel wat privédingetjes die in het verhaal meegenomen worden, maar gelukkig niet al te veel. Het verhaal springt van de ene persoon naar de andere, en Svernström houdt zich ook niet aan chronologie. Boven de korte hoofdstukken staat wel een datum, en die kun je als lezer maar beter goed in de gaten houden.
Vol dramatiek en goed speurderswerk is ‘Wie zonder zonde is’ een vrij ingewikkeld maar toch goed te volgen verhaal, dat je meeneemt in een leesavontuur zoals we dat van bijvoorbeeld Elizabeth George kennen.


Bo Svernström (1964) heeft een PhD in Zweedse literatuur en heeft zelf lang voor Aftonbladet geschreven, een van de belangrijkste kranten van Zweden. Wie zint op wraak is Svernströms debuut.


ISBN 9789402704952 | paperback | 384 pagina's | Uitgeverij the House of the Books | april 2020
Vertaald uit het Zweeds door Edith Sybesma

© Marjo, 10 juni 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

BloedsteenBloedsteen
Bernice Berkleef

Ella, ik-verteller, woont in Amsterdam met haar vriend Jord. Ze worden om half zeven ruw uit hun slaap gehaald door gebel en gebons op de deur.
Als Ella in haar ochtendjas de deur opendoet stormt de politie naar binnen. Haar wordt toegesnauwd:

‘U wordt aangehouden voor het illegaal exporteren van goederen.’

Ze moet mee voor een verhoor en heeft geen idee wat er aan de hand is. Ja, ze werkt op een transport- en distributiekantoor. Ja, ze is verantwoordelijk voor het hele transportproces. Ja, ook naar België. Maar wat is er aan de hand?
Dan beginnen ze over haar vader. Die is zesentachtig nu, en niet meer zo gezond. Maar wat Ella nu hoort, daar weet ze niets van. Niet dat de politie haar gelooft, want inderdaad heeft haar vader haar altijd financieel gesteund. Maar dat hij juwelen en edelstenen gesmokkeld zou hebben? En een bankrekening heeft in Zwitserland?

De bodem valt onder haar rustige leventje vandaan, want al wordt ze zelf vrijgelaten, haar vader overlijdt niet lang na zijn arrestatie en Jord verlaat haar. Ook wordt ze ontslagen en ziet het er naar uit dat er beslag gelegd gaat worden op haar huis.
Haar vader had een huis op Java, dat verhuurd werd en ze besluit daar heen te reizen na een telefoontje van de vermogensbeheerder die haar vaders belangenbehartiger was in Djakarta.
Ella weet wel dat haar vader in een jappenkamp heeft gezeten, maar dat hij ieder jaar naar Java reisde en dat maar voor een paar dagen, wist ze niet. Waarom deed hij dat?
De huisbewaarder Depoh vangt haar op. Ze vindt het vreselijk als hij het slachtoffer wordt van een overval in haar huis: terwijl zij een dagje op stap was met nieuwe kennissen wordt er ingebroken. Depoh wordt neergeslagen, en haar geld en paspoort zijn verdwenen.
Op dat uitstapje leerde ze het Chinese echtpaar Soong en Ling kennen, zeer rijke en machtige mensen. Misschien kunnen zij haar helpen om aan een nieuw paspoort te komen?

Ook is er de Engelsman Stan, een journalist die een artikel schrijft over Soong. Ze worden vrienden.
Maar ook al lijkt alles goed te komen, als Ella eenmaal weet wat het geheim van haar vader was, blijkt ze helemaal niet veilig te zijn.

We lezen terloops en in geringe mate over de geschiedenis van Indonesië en het grootste jappenkamp, waar vooral Nederlandse vrouwen en kinderen opgesloten waren. Af en toe zijn er cursieve stukjes tekst waarin verteld wordt over het verleden van haar vader.
Maar vooral is het een spannend verhaal rondom een schat die door meerdere aasgieren gewenst is. Sommigen daarvan gaan daarin heel ver. Er vallen dan ook nog slachtoffers.
Het verhaal heeft een paar zwakke plekken, maar die verklappen neemt een deel van de spanning weg. Want die is er zeker ook. Het is een spannend actieverhaal.
Bernice Berkleef (1986, Amstelveen) studeerde toerisme en rechten, die ze beide voltooide. Ze schreef een Young Adultserie. Haar thrillerdebuut in 2018 was Cody.

ISBN 9789044354928 | Paperback | 256 pagina’s | Uitgeverij House of the Books | april 2020

© Marjo, 8 juni 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

MoordzomerMoordzomer
Gerard Nanne


Het boek begint op een terras waar Jurriaan Boelen en Matthijs van Hout elkaar ontmoeten. Jurriaan nodigt Matthijs uit om bij hem en z’n moeder een Indische rijsttafel te nuttigen. Deze uitnodiging neemt Matthijs aan en hij belt z’n zus, om te zeggen dat hij niet bij haar zal komen eten.


In het volgende hoofdstuk wacht rechercheur Paula van Es op haar nieuwe vriendin José. Haar relatie met Marit is een half jaar geleden verbroken en deze nieuwe relatie met een 17 jaar jongere aantrekkelijke vrouw maakt haar een beetje bang om weer teleurgesteld te worden. José blijkt in de loop van het verhaal vrij veel invloed op Paula te hebben. Zo verft ze haar haar en laat ze op een gegeven moment een tatoeage van een zeepaardje in haar nek zetten.


Inspecteur Jillian Blom en Paula van Es houden zich bezig met een serie gewelddadige overvallen in de omgeving van Hoorn en krijgen ook nog een vermissing op hun bord. Twee weken geleden is een zekere Matthijs verdwenen en tien dagen geleden heeft z’n zus Simone de Waard daarvan aangifte gedaan, maar er is nog weinig aan gedaan.


Jurriaan Boelen is zelf een beetje in de war, omdat hij z’n nieuwe vriend Matthijs na hun eerste ontmoeting niet meer te pakken kan krijgen. Hij had het gevoel dat er een klik was en nu worden z’n telefoontjes niet beantwoord. Een gesprek van de politie met de ouders van Matthijs levert vooral een vervelend gevoel op. Matthijs lijkt een beetje door z’n ouders verstoten te zijn, omdat hij homoseksueel is. Met name z’n vader laat z’n afkeer hiervan blijken.


En dan worden er lichaamsdelen gevonden in een afvalcontainer op een bouwplaats. Het blijkt het lichaam van Matthijs te zijn en uiteindelijk wordt Jurriaan Boelen van de moord beschuldigd. De zaak lijkt hiermee afgedaan te zijn, want de aanwijzingen zijn vrij sterk en Jilian en Paula kunnen zich weer volledig op de overvallen concentreren. Op een gegeven moment wordt een getuige aangereden en even later verbreekt José de relatie met Paula. Aangezien José nogal nieuwsgierig was naar het werk van Paula, rijst bij haar de verdenking dat José hier meer mee te maken heeft.


Oud-inspecteur Frank Benders, die Jurriaan Boelen kent, gelooft niet in zijn schuld en gaat zelf op onderzoek uit. Hij ontdekt iets, dat het verhaal van Jurriaan bevestigt en Jurriaan wordt op vrije voeten gesteld.


Het boek heeft een verrassende ontknoping. Qua sfeer doet het een en ander een beetje denken aan de boeken die A. Lourens-Koop (Jackie Lourens) in de jaren 70, 80 en 90 schreef. https://nl.wikipedia.org/wiki/Jackie_Lourens Er is niet al te veel aandacht voor het privéleven van de hoofdpersonen, maar het zijn wel mensen van vlees en bloed.


ISBN 978 80 8660 193 6 | Paperback | 223 pagina’s | Ellessy Crime | 2012

© Renate 24 mei 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

MisleidingMisleiding - Doggerland 1
Maria Adolfsson

 

Het boek speelt zich af in het fictieve Doggerland, een groep van 3 eilanden, die zich vermoedelijk ergens tussen Denemarken en Groot Brittanië, ter hoogte van de Doggersbank bevindt. Dat zou je ook al uit de naam af kunnen leiden. De namen van de eilanden en de plaatsen doen Scandinavisch aan, maar zijn dus niet op een kaart te vinden. Het citaat van Herman Melville: ‘It is not down in any map; true places never are.’ geeft hiervoor al een indicatie, maar ergens vind ik het, met m’n liefde voor landkaarten en m’n neiging om plaatsen die in een boek genoemd worden op te willen zoeken, niet zo prettig.


Het boek begint als inspecteur Karen Hornby met een verschrikkelijke kater wakker wordt in een bed in een hotel, naast haar baas Jounas Smeed. Ze sluipt het hotel uit en gaat naar huis, terwijl ze haar baas laat slapen. De echte problemen beginnen echter pas als er een vrouw bruut vermoord blijkt te zijn. Het slachtoffer is de ex van Jounas Smeed en Karen wordt op de zaak gezet.
Jounas is vooralsnog een verdachte in de zaak en staat dus tijdelijk op non-actief.


Er zijn wat hoofdstukken over een commune in 1970, waarin een familielid van het slachtoffer voorkomt. Wat deze hoofdstukken met de zaak te maken hebben blijft lang onduidelijk. En dan vinden er andere misdrijven plaats. Er worden een paar vrouwen zeer wreed verkracht, waarbij een van de slachtoffers zelfs overlijdt. Deze zaak wordt overigens niet verder uitgewerkt.
Dan zijn er wat inbraken, waarbij brand wordt gesticht en als de dader ook in de buurt van het huis van het slachtoffer geweest blijkt te zijn, beschouwd de politie hem als de dader van de moord. Karen gelooft hier niet erg in, maar kan ook weinig doen. Ze besluit aan haar geplande vakantie te beginnen en terwijl zij op de veerboot naar Denemarken zit, gebeurt er iets, waardoor alles verandert.


Het is een spannende thriller geworden, met veel aandacht voor Karen Hornby. Ook haar privéleven speelt een rol in het verhaal, zonder dat het storend wordt. De oplossing komt pas helemaal tegen het einde en zelf daar komt nog een rare draai, die je als lezer niet echt ziet aankomen. Toch is het volkomen geloofwaardig. Ik kijk nu al uit naar het volgende boek over Doggerland.


ISBN 978 90 245 8240 2 | Paperback | 446 pagina’s | Luitingh ~ Sijthoff | april 2019 |
vertaald door Elina van der Heijden

© Renate 1 juni 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Wat je niet wilt zienWat je niet wilt zien
Steve Mosby

 

Na de zelfmoord van z’n vrouw Maria is Alex Connor op de vlucht voor z’n herinneringen. Hij trekt door Europa en is niet in staat z’n oude leven op te pakken. Als hij in Venetië in de lounge van het hostel waar hij verblijft een blik op de TV werpt, blijft hij staan. Op de TV is een foto van Sarah te zien. Aan de onderkant van het scherm is de tekst te lezen: “Politie graaft in veld na vijf dagen zoeken.” Alex wil het geluid van de TV harder zetten, maar dat lukt niet. Even later ziet hij op de TV een foto van z’n broer James.


Later koopt hij bij een kiosk een Engelse krant en op pagina 5 leest hij dat z’n broer bekend heeft dat hij Sarah, met wie hij een relatie heeft, vermoord heeft. Het lichaam van Sarah is nog niet gevonden en de politie vraagt het publiek om hulp. De krant is al een paar dagen oud en Alex meent dat hij op TV heeft gezien dat het lichaam inmiddels gevonden is.


Sarah hebben we al leren kennen in het eerste hoofdstuk. Daar komen we ook te weten dat ze haar vader is verloren als ze 9 jaar is. Haar moeder is dan al dood. In hetzelfde hoofdstuk lezen we dat ze inmiddels 30 is en dat ze bij haar vriend James weg wil gaan. Later lezen we het een en ander over de relatie tussen Sarah en Alex. Omdat Alex een zekere verantwoording tegenover Sarah voelt, te meer daar zij geprobeerd heeft zich over hem te ontfermen na de dood van Maria, besluit hij terug te keren naar Groot Brittanië. Daar ontdekt hij dat het lichaam van Sarah nog niet gevonden is. Er zijn sporen gevonden op het veld waar gezocht is, maar het lichaam is weer verdwenen.


Het politieonderzoek wordt geleid door Paul Kearney. Hij jaagt op een moordenaar die vrouwen ontvoert en langzaam leeg laat bloeden. Vijf vrouwen zijn ontvoert en van drie slachtoffers zijn de lichamen gevonden. Een van de slachtoffers is Rebecca Wingate, maar haar lichaam is nog niet gevonden.
Als er een auto-ongeluk plaats vindt, blijkt de automobilist flessen bloed vervoerd te hebben. De bestuurder blijkt een zekere Thomas Wells te zijn, die er van overtuigd is geraakt, dat hij een vampier is. In de auto vindt men de handtas van Rebecca Wingate, dus Thomas moet meer van haar verdwijning weten.


Alex vindt in het huis van z’n broer, dat vroeger het huis van z’n ouders is geweest, waar hij ook heeft gewoond, de spullen van Sarah. Zij werkte als journaliste en in ordners vindt hij de nodige krantenartikelen die ze heeft geschreven. In een ordner met de naam ‘Research’ vindt Alex foto’s van mensen die door geweld om het leven zijn gekomen. Op een van de foto’s staat de vrouw van Alex, op het moment voor haar zelfmoord. Hij vindt ook een vel met een gebruikersnaam die Sarah kennelijk gebruikte en lijsten met wachtwoorden en websites. Verder vindt hij ook nog een lijst met namen en interviewgegevens.


De ordners met alle gegevens neemt hij mee en hij koopt een goedkope laptop. Die gebruikt hij op z’n kamer om naar een van de websites te gaan, waar Sarah vermoedelijk de foto van Maria heeft gevonden. Hij kan zich niet registeren en besluit uiteindelijk in te loggen met de gegevens van Sarah. Daar vindt hij uiteindelijk een filmpje van de zelfmoord van z’n vrouw en hij komt op het spoor van de mensen die dit soort filmpjes leuk vinden.


Het is een spannend boek en Alex Connor en Paul Kearney komen op het spoor van mensen die juist wel willen zien, wat de meesten niet willen zien, mensen die daar soms veel geld voor over hebben en de mensen die dit willen leveren gaan over lijken om hun handel te beschermen. Gelukkig worden de al te gruwelijke details de lezer bespaard. Het einde van het boek zou het begin van een nieuw verhaal kunnen zijn, maar daar reken ik niet op.


ISBN 978 90 229 9643 0 | Paperback | 304 pagina’s | AW Bruna | oktober 2011
vertaald door Hugo Kuipers

© Renate, 7 juni 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

StillevenStilleven
Marieke Damen

‘Misschien was dat de oplossing wel: de tijd. Dat alles vergeten zou worden met het verstrijken van de tijd. Maar wat moest je tot het zover was? Wat moest je doen als je de pijn nog voelde?’

Monica is een verdienstelijk kunstenares. Ze woont alleen, en al snel wordt duidelijk dat ze in ieder geval niet op zoek is naar een relatie. Maar ze wil wel graag contact met haar zus Manuela, die ze al ruim twintig jaar niet gezien heeft. En dat terwijl ze elkaar een belofte deden, zo lang geleden alweer:

‘Bij deze beloof ik dat ik je nooit, maar dan ook nooit in de steek zal laten.’

Als er een mailtje komt van Manuela met de vraag een portret van haar te schilderen als verrassing voor haar vriend, gaat Monica aan het werk. Ze bereidt zichzelf en het huis voor wachtend op het moment dat Manuela zal komen. Misschien houdt zij het huis al in de gaten? Het lijkt of Monica haar ziet. Maar ze wil dat niet weten eigenlijk, ze mag pas komen als alles klaar is.

Terwijl we de voorbereiding volgen is er ook de verhaallijn van twintig jaar eerder, waarin ongetwijfeld duidelijk zal worden waarom de zussen elkaar al die tijd niet gezien hebben.
Monica is tien jaar, zus Manuela vijf jaar ouder, als de situatie bij hen thuis danig verslechtert.
Ze zijn geen echte zussen, maar delen wel hun vader. Na diverse aanvaringen wordt Manuela door hun vader uit het huis verbannen naar het eigenlijk ongeschikte tuinhuis. In het houten gebouwtje vol keren en gaten wordt een bed neergezet en daar moet ze het mee doen. Nu is Monica niet voor een gat te vangen: ze vindt een ander onderkomen, ook niet luxueus, maar daar kan ze samen met haar zus doen wat ze wil. Monica wil alleen maar tekenen en schilderen, maar mag dat niet thuis. Haar moeder verbiedt het haar ten stelligste al vertelt ze er niet waarom het niet mag.

Dat verleden wordt verteld vanuit het tienjarige meisje, en de lezer leest tussen de regels door dat haar oudere zus meer begrijpt van hoe het gezinsleven in elkaar steekt. Maar Manuela wil haar jonge zusje beschermen en vertelt haar niet meer dan ze perse moet weten. Zodoende wordt er niets expliciet verteld, maar de lezer voelt de dreiging die van de situatie uitgaat, en waarin de vader een vervelende rol speelt.
Monica ziet wel dat hij te veel drinkt, en dan gewelddadig wordt, maar het lijkt of ze de implicaties van zijn gedrag – en dat van haar moeder - niet wil zien. Maar ze is ook nog maar tien jaar. Er zijn dingen die ze niet kan begrijpen. Zij wil alleen maar schilderen, en sprookjes lezen waarin een boze stiefmoeder tenslotte haar terecht lot ondergaat en Roodkapje haar grootmoeder weet te redden.

Er is ook nog een man die verderop in het bos woont, en die de meisjes welkom heet in zijn huis. Maar dat is ook een geheim, net als de twee poesjes die zij bij een vriendin vandaan meenemen. Als hun vader hen betrapt met de twee diertjes is dat een van de weinige keren dat de dreiging werkelijkheid wordt. Dat kan het kind niet meer uit de weg gaan. In hoeverre zij begrijpt wat ze verder ziet, dan blijft onduidelijk. Ze hoort haar vader praten met onbekende mannen, maar ze kan geen verbanden leggen, ze kan niet aanvullen wat ze niet hoort, omdat ze nog de onschuld zelve is.
Toch neemt zij de beslissingen die haar verdere leven zullen beïnvloeden, met de gevolgen die we langzaam zullen begrijpen uit wat ze ons vanuit het heden vertelt.

Het heen en weer springen tussen de verhaallijnen met vrij korte hoofdstukken werkt uitstekend. Maar vooral het suggestieve in de tekst, het niet expliciet vertellen wat er nu eigenlijk aan de hand is, dat zorgt voor een dreiging van onheil in een spanningsboog waarbij de lezer in tweespalt zit: wil je echt weten wat er aan de hand is? Zolang niemand het vertelt is het misschien niet waar…maar natuurlijk wil je aan de andere kant wel degelijk weten wat er gebeurd is in het verleden. En of alles nu goed komt.

Marieke Damen (Doetinchem, 1976) schreef eerder kinderboeken. Stilleven is een sterk thrillerdebuut. Met een mooie omslag.

ISBN 9789491875984 | paperback | 250 pagina's | Uitgeverij Letterrijn | mei 2020

© Marjo, 1 juni 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

De hongerDe honger
Kasper van Beek

Psychotherapeut Liam Sandberg heeft een goedlopende praktijk in Oud-Zuid. Hij heeft een fijn gezin met zijn vrouw Evi en nu vijftienjarige dochter Yana. En ze hebben een vakantiehuisje in Limburg dat hij aan het opknappen is. Daar kan hij eventuele frustraties in kwijt en het is heerlijk om er weekendjes door te brengen.
Een fantastisch leven dat op zijn kop komt te staan als ze ontdekken dat een onbekende hen al een jaar lang in hun eigen huis heeft gefilmd!
Thuisgekomen van een weekendje Limburg vinden ze een briefje op de afstandsbediening, PLAY, staat er op. Liam drukt op de knop en tot hun afgrijzen zien ze alle drie hun leven op film verschijnen. In alle kamers hangen verborgen camera’s! Letterlijk alles staat op film, compleet met datum.
Ze waarschuwen de politie, maar besluiten de opnames niet mee te geven, zodat de politie er weinig mee kan. Er is niet aantoonbaar ingebroken, er is niets gestolen. Wie heeft die camera's geplaatst? En waarom wil iemand de familie Sandberg elke minuut van elke dag filmen?

Het is het begin van een ellendige periode waarin de waarheid niet meer verborgen kan blijven.

Rechercheur Isabella Neri, net terug van gedwongen verlof, buigt zich over de zaak. Ze wordt tegengewerkt door haar collega’s, maar omdat ze helemaal geen zin heeft om in een duf kamertje in haar eentje papierwerk te gaan doen, is zij degene die bepaalde feiten voor het daglicht haalt, die anders verborgen zouden zijn gebleven.
In een poging haar op een zijspoor te zetten wordt ze op een cold case gezet, een meisje dat een jaar eerder verdwenen is. Als Isabella de lijst opvraagt van vermiste meisjes, heeft ze de link met de zaak Sandberg. Al ontdekt ze dat niet meteen, Isabella bijt zich vast in de zaak.
Maar er moet nog heel wat gebeuren voor het onderzoek echt op gang komt. Misschien is het dan al te laat voor Yana die intussen ook verdwenen is.

Het idee achter deze thriller is akelig: dat je zomaar bekeken kan worden in al je doen en laten zonder dat je het weet! Als je die persoon kent is dat al een eng idee, maar door iemand die je niet kent? Dat is nog erger. Want waarom zou iemand willen zien wat een gewoon mens de hele dag doet?
Maar: iedereen heeft wel geheimen, en dat kan heel onschuldig zijn, maar ook heel gênant. Of gevaarlijk, al zal de gemiddelde lezer niet te maken hebben met wat er in dit boek gebeurt.
Het verhaal komt rustig op gang, en heeft bijzondere verhaalwendingen. Het is een verslavend boek, je legt het niet zomaar weg.
Wie is er zo gek dat hij – of zij natuurlijk – maar liefst zeventien camera’s verbergt in een huis van een ogenschijnlijk heel normaal gezin?
Misschien is de bron van het kwaad niet zo’n origineel gegeven, maar het is absoluut heel goed uitgewerkt. Er is een heleboel aan de hand, wat ook nog het leven van onschuldige buitenstaanders kost. En de Sandbergs zijn natuurlijk evenmin veilig.

Kasper van Beek (1985) is film- en televisieproducent. Hij is medeoprichter van twee productiebedrijven, waarmee hij een breed scala aan nationale en internationale projecten maakt. Hij woont en werkt in Amsterdam. Zijn debuut Vogelvrij stond op de shortlist van de Gouden Strop en de Schaduwprijs. De honger is een uitstekende opvolger, dus de lezer wil zeker meer boeken van zijn hand.

ISBN 9789403188003 | paperback | 288 pagina's | Uitgeverij Cargo | mei 2020

© Marjo, 29 mei 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Het geruchtHet gerucht
Lesley Kara

Joanna bedoelt het goed, als ze op een bijeenkomst van de leesclub een andere vrouw probeert te redden van Karen, die haar aan een kruisverhoor lijkt te onderwerpen. Ze gooit de naam Sally McGowan in de groep, de vrouw over wie ze zojuist heeft gehoord dat die in hun dorp zou wonen.
Het werkt, maar de gevolgen zijn heel vervelend.
De naam van het meisje dat op tienjarige leeftijd een joch van vijf jaar doodstak wekt meteen belangstelling. Als Joanna ook nog vertelt dat de vrouw verborgen zou zijn in een dorp zonder kroeg, en dat van toepassing was op Flinstead in die tijd….

Al heeft die moord al 48 jaar geleden plaatsgevonden, het is nog steeds een feit dat de tongen in beroering brengt. Niemand wil dat de moordenares in hun buurt woont. De vrouw zit sinds haar vrijlating in een beschermingstraject, heeft natuurlijk een andere naam. Iedere vrouw van die leeftijd kan haar zijn…

Joanna is zelf nog maar pas in Flinstead komen wonen vanuit Londen, waar haar zoontje Alfie van zes op school gepest werd. In het dorp woonde haar moeder, het leek een goede keuze om in haar buurt te gaan wonen, temeer omdat Joanna een alleenstaande moeder is.

Maar alleen al de mogelijkheid dat die moordenares in het dorp zou wonen, lijkt, nadat Joanna het gerucht verspreid heeft, de gemoederen danig in beweging te brengen. Een eigenaresse van een winkel wordt bedreigd, de ruiten ingegooid van haar boetiek. Joanna krijgt akelige tweets.
Gelukkig komt er steun van haar vriend, Michael, die zowaar aankondigt dat hij wel meer wil in hun relatie. Maar hij is journalist, en niet iedereen is blij met zijn aanwezigheid.

En dan gebeurt er heel veel, al is het vooral in Joanna’s hoofd. Als een van die vrouwen een moordenares is, wie is het dan? En wie stuurt haar die tweets? Het kan iedereen zijn: de vrouwen van de leesclub, de moeders op school, de vrouwen van de oppaskring. Zelfs de vrouwen met wie ze te maken krijgt uit hoofde van haar werk als makelaar.
Ze haalt zich van alles in het hoofd, hoe kan ze haar kind beschermen? Zijn ze wel veilig?

Lesley Kara maakt goed gebruik van de twijfel en de angst die een jonge alleenstaande moeder danig in vertwijfeling kan brengen. Is het Sonia? Is het Kay? Of Maddie? Of zou het Liz zijn? Het kan iedereen zijn…

In een sneltreinvaart razen we langs de ene verdenking naar de andere, Kara houdt er goed de vaart in, en weet ook hoe ze verrassende wendingen in het verhaal kan brengen. Al kan het de lezer enigszins duizelen van al die namen, het is absoluut de moeite waard om er even moeite voor te doen het verhaal te volgen. Tussendoor zijn er ook nog cursiefjes die waarschijnlijk van de hand van de moordenares zijn, en krantenartikelen uit de tijd dat zij haar daad pleegde.

De boodschap lijkt dat we beter nadenken voor we een roddel of een gerucht de wereld in sturen om dat het desastreuze gevolgen kan hebben. Maar buiten dat is Het Gerucht een spannende psychologische thriller, een debuut nog wel! Absoluut veelbelovend.

ISBN 9789044357394 | paperback | 304 pagina's | Uitgeverij House of the Books | maart 2020
Vertaald uit het Engels door Els van Son

© Marjo, 24 mei 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

ZandZand
Koen D’Haene


In de proloog lezen we over een man die in een gletsjerkloof is gevallen en in spanning wacht op hulp. Hij was immers niet alleen? Hij noemt namen: Yvonne. Sarah.
Wie is deze man, en wat is er gebeurd?


Wie het debuut van Koen D’Haene heeft gelezen - IJs, een  misdaadroman (2016) - heeft wel een idee, maar ook als je dat niet hebt, is het geen probleem om verder te lezen. De roman Zand speelt zich af op Schiermonnikoog, het eiland waar IJs eindigde. Het is twaalf jaar later.


De ik-verteller is Sarah. Zij is met Tom op vakantie op het eiland Schiermonnikoog. Beiden zijn leraar op een school in Oostende. Sarah heeft Tom lang op afstand gehouden maar onlangs besloten dat ze definitief voor hem kiest. Ze is er dan ook niet zo blij mee dat ze al snel in contact komen met een Nederlands stel, Michael en Ingrid, die duidelijk aangeven dat ze hun gezelschap zoeken om van alles samen te gaan ondernemen.
Als Michael steeds opdringeriger wordt, staat het voor Sarah vast: kappen met dat stel!
Dat blijkt nog niet zo eenvoudig. Is Tom intussen al vreemd gegaan met Ingrid? Dat zou blijken uit wat Michael insinueert, gewoon hardop, maar ook in appjes.


Sarah is overigens wel in trek bij de mannen: er is er nog een die meer van haar wil: ene Mories, die haar kent van vroeger. Dat is ook zeer onwelkom: want Sarah blijkt niet te zijn wie ze zegt dat ze is…


Ze doet haar best die mannen van zich af te houden en zich alleen om haar Tom te bekommeren, maar het loopt allemaal niet zo soepel.
Ze heeft ook het idee dat ze in de gaten gehouden wordt. Waanzin, zegt ze tegen zichzelf. Het eiland is gewoon klein, je komt steeds dezelfde mensen tegen.

Vanwege haar verleden is ze er niet gerust op. En ze heeft gelijk over haar gevoel. Want Mats, de man die 12 jaar geleden in de gletsjer gevallen is, is inderdaad ook op Schiermonnikoog. Hij weet niet veel meer van zijn verleden, maar herinnerde zich wel een Sarah. In Brussel kwamen er al flitsen terug uit zijn verleden, en toen hij in Oostende was herinnerde hij zich nog meer. Hij ontdekt de school waarvan hij wist dat zij er werkte. Hij deed navraag, ze werkt er nog steeds! En hij reist haar achterna. Misschien kan hij via haar zijn geheugen terugkrijgen…


Het loopt allemaal anders… heel anders zelfs.
Want wie is Sarah eigenlijk? Wat wil Michael? En waarom laat Mories haar niet met rust? En ook: waarom zegt Sarah niet gewoon tegen die mannen dat ze haar met rust moeten laten? Daar zit inderdaad meer achter, zoals we ook niet weten wat precies het oogmerk is van Michael en Ingrid als ze zich opdringen aan Sarah en Tom.

Een verhaal in wisselend vertelperspectief dat slechts langzaam spannend wordt, maar je dan ook niet meer loslaat.
D’Haene tovert steeds een ander duiveltje uit het doosje, waardoor de lezer verrast wordt. Je wilt steeds sneller gaan lezen, maar dat moet je eigenlijk niet doen, dan mis je details en fraaie volzinnen. Hij heeft zich duidelijk verdiept in de achtergrond – vooral toeristisch – van Schiermonnikoog, zodat we als het ware mee lopen en fietsen over het eiland.
Een spannende psychologische roman met ook nog een bijzonder einde - als het dat al is?


Koen D’haene (1964, Wevelgem) was leraar Nederlands. Later behaalde hij het diploma bibliotheekwetenschappen en werd hij stafmedewerker in de bibliotheek van Wevelgem. Hij schreef romans en verhalen voor kinderen, jongeren en volwassenen, o.m. Gek van een eiland (2010) en Ketters van de Kemmelberg (2017).


ISBN 9789491875991 | hardcover | 250 pagina's | Uitgeverij Letterrijn | maart 2020

© Marjo, 18 mei 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Het IsisgeheimHet Isisgeheim
Jeroen Windmeijer en Jacob Slavenburg

In het Leidse Rijksmuseum van Oudheden is een grote tentoonstelling gepland over Egypte.
Arianna Esposito is egyptologe, opgeleid in Turijn, en nu werkzaam als conservator in het museum van Leiden. Ze spreekt al goed Nederlands, hetgeen haar collega Thijs de Rooij geregeld opmerkt. Vooral als ze bepaalde Nederlandse uitdrukkingen gebruikt.
Uit Turijn heeft het museum een gouden beeldje van de godin Isis te leen, nog geen twintig centimeter groot, en minstens tweeduizend jaar oud. Op het moment dat Arianne het aan het bekijken is, komt Thijs binnen. Ook hij houdt het beeldje even vast.


‘Best licht eigenlijk,’ zei Thijs. ‘Lichter dan je misschien zou verwachten voor zo’n massief stukje goud.’


Aanvankelijk legt Arianne zijn opmerking naast zich neer, maar de twijfel zet in. Ze besluit het beeldje te laten onderzoeken, en inderdaad: het is hol, en er zit iets in. Een papyrus, waar in het Oudgrieks  een soort recept op geschreven is. Het betreft een middel dat zou leiden tot blijvend verhoogd bewustzijn. Arianna en Thijs gaan samen op zoek naar de precieze ingrediënten en werkwijze.
Helaas houden ze de ontdekking niet voor zichzelf, het geheim is al snel niet langer een geheim. De papyrus, foto's daarvan en de vertaling die Thijs gemaakt heeft, worden gestolen. Ze begrijpen al snel door wie.


De speurtocht die volgt leidt naar Oxford, en brengt hen in aanraking met groeperingen die zo hun eigen ideeën hebben over het recept. En zoals dat gaat met zoiets bijzonders: er zijn mensen die er goede dingen mee willen doen, maar ook mensen die er alleen maar geld aan willen verdienen en daarbij ook over lijken gaan.


Ook is er de relatie tussen Arianna en Thijs, die aanvankelijk niet soepeltjes verloopt. Maar als lezer heb je daar wel verwachtingen van.
Wat de verwachtingen betreft omtrent de afloop, dat klopt ook wel. Alleen de weg daar naar toe is onvoorspelbaar. Wat zullen onze held en heldin moeten doormaken om voor elkaar te krijgen wat ze willen?


Een enkele keer wordt er een lijntje opgeworpen dat verder niet uitgewerkt wordt. Waarom wordt er verteld dat Arianna wees is? Wat is de bedoeling van de ontdekking van Thijs, dat het document een palimpsest is? Het zijn details waar je als lezer meer van verwacht, maar de schrijvers komen er niet op terug.


SchrijverS, meervoud. Dit boek is ontstaan als samenwerkingsverband tussen Jeroen Windmeijer, bekend van zijn historische thrillers, en cultuurhistoricus Jacob Slavenburg, die onderzoek deed naar antieke mysteriën en daarbij steeds de godin Isis tegenkwam. Dat hij daar veel van weet wordt absoluut duidelijk in dit boek, hetgeen nog eens te zien is in de bibliografie. Het is een verhaal met veel informatie er in, die als terloops, maar wel ter zake doende, in het verhaal wordt ingeweven. Over Isis dus, en over mystiek, magie en alchemie. Maar ook over Leiden en Oxford. Over Plato en over de hermetische leer.


‘De menselijke ziel is verstrikt geraakt in de materie en zoekt een manier om daar weer los van te komen. Voor de geboorte was de ziel al in de Ideeënwereld aanwezig en heeft ze volmaakte kennis van de Ideeën opgedaan. Daarom wil de ziel ook terugkeren naar de goddelijke werkelijkheid, maar dat kan alleen als de mens zijn herinnering aan die goddelijke wereld weet terug te halen, zich weer herinnert.’


Zo is dit boek een boeiend, maar niet al te spannende thriller geworden. Voor de liefhebber.


Jeroen Windmeijer is antropoloog, maar was ook leraar godsdienst en maatschappijleer. Omdat hij een groot liefhebber is van thrillers als die van Dan Brown is hij, vooral omdat soortgelijke boeken zich nooit in Nederland afspelen, zelf gaan schrijven. In 2015 debuteerde hij met Het Petrusmysterie en vanaf 2019 is hij fulltime auteur. Begin maart 2020 verscheen zijn nieuwste thriller, Het Isisgeheim, die hij samen met auteur en cultuurhistoricus Jacob Slavenburg schreef.


ISBN 9789402704976 | paperback | 336 pagina's | Uitgeverij Harper Collins | maart 2020

© Marjo, 1 mei 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Niemand die je hoort
Steve Mosby

 

Een seriemoordenaar laat z’n slachtoffers vastgebonden op bed achter, zonder eten of drinken. Als vrienden contact opnemen, stuurt hij ze geruststellende berichten, zodat het lijkt alsof er niets aan de hand is. Als de vrouwen dan overleden zijn, stuurt hij dezelfde vrienden een laatste bericht met de tekst: “Jij hebt haar laten doodgaan…”


Detective Sam Currie krijgt deze zaak op z’n bord en een van de verdachten is Dave Edwards. Deze komen we na de proloog al in het eerste hoofdstuk tegen. De hoofdstukken over hem zijn in de ik-vorm geschreven, zodat we met hem meeleven. Dave is illusionist en vormt samen met Rob, die zich daar ook mee bezig houdt, de redactie van een sceptisch tijdschrift. Dave worstelt nog steeds met de dood van z’n broer.
Ook de detective heeft z’n demonen, in de vorm van een aan drugs verslaafde zoon die inmiddels ook overleden is.


Dave heeft een ex-vriendin Tori, waar hij nog wel contact mee heeft, terwijl hij ook al een voorzichtige internetrelatie met Sarah heeft en dan blijkt Tori het volgende slachtoffer te zijn. Tori heeft twee vrienden, Choc en Cardo, die je maar beter niet tegen je in het harnas kunt jagen, iets waar Dave ook achterkomt. Hij wordt door hen in een wraakactie betrokken, waar hij uiteindelijk bij wegloopt.


In het boek speelt ook een zekere Mary een rol, die als kind regelmatig door haar vader vastgebonden is, waarna hij haar een aantal dagen zonder eten en drinken achterliet. Uiteindelijk heeft ze kans gezien om samen met haar broertje te ontsnappen. Haar vader, die politieman was, heeft de nodige tijd in de gevangenis doorgebracht en is inmiddels weer vrij, maar draagt nog steeds een enkelband. Mary beschuldigd haar vader van de moorden, maar de politie is daar niet van overtuigd, omdat de man inmiddels een wrak lijkt te zijn en hij volgens de gegevens van de enkelband nooit in de buurt van de plaatsen is geweest waar de dode vrouwen zijn gevonden.


Het is een uiterst spannend boek en als je denkt te weten wie de dader zou kunnen zijn, blijkt het een en ander toch weer anders te liggen.


ISBN 978 90 229 9355 2 | Paperback | 286 pagina’s | AW Bruna | 2009
vertaald door Martin Jansen in de Wal

© Renate 1 mei 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

DepatintDe patiënt
Sebastian Fitzek

Hoever ga je om je kind te vinden, of hij nog leeft of al dood is? Het leven van Till Berkhoff is volledig verwoest na de ontvoering van zijn zoontje, de zevenjarige Max. Zijn vrouw verlaat hem, neemt hun dochtertje mee en Till blijft achter met een schuldgevoel dat zo enorm is dat hij er niet mee kan leven.
Hij denkt net als de politie dat Guido Tramnitz, die twee kindermoorden bekend heeft, ook Max vermoord heeft. Maar waar heeft hij dan het stoffelijk overschot gelaten?
Waarom bekent hij wel de moord op het meisje Laura en haar moeder, en op de jongen Jonas, maar zwijgt hij in alle toonaarden over Max?
Nu heeft Till een zwager, Oliver Skania, die inspecteur is bij de recherche. Skania kan - nee, hij moet! - er voor zorgen dat Till opgenomen wordt in dezelfde kliniek waar Tramnitz verblijft voor behandeling.
Onder protest doet Skania dat. Till komt in de Stein-kliniek terecht, onder het pseudoniem van wijlen Patrick Winter, wiens zoontje Jonas eveneens slachtoffer is geworden van Tramnitz.
Hij weet inderdaad contact te leggen met de kindermoordenaar, maar het leven als Patrick Winter valt hem zwaar. Winter blijkt een speciale medische behandeling nodig te hebben, die Till nu dus krijgt. En hij dreigt door de mand te vallen als hem talenten worden toegeschreven van Winter, die hij absoluut niet heeft. En dan is er de kindermoordenaar, die ook niet zachtzinnig omgaat met de man die hem steeds maar vragen stelt. Tramnitz speelt een spelletje met Till, laat hem alle hoeken van de kamer zien en het is maar de vraag wie dit gaat winnen.
En dan is er nog de corrupte verzorger, een alcoholverslaafde arts, en een meisje dat gedwongen wordt de hoer te spelen. En een arts die haar handen vol heeft aan dit zootje ongeregeld.
Sebastian Fitzek heeft al eerder bewezen een groot thrillerschrijver te zijn. En dat doet hij nog eens in deze keiharde psychologische thriller. Net als zijn hoofdpersonage speelt hij een spel.
Als een mens het kwade èn het goede in zich heeft, dan vertegenwoordigt Fitzek zelf de goede kant - getuige het spel met de lezer - en maakt hij van zijn hoofdpersonage de vertolker van het kwaad.
Op ingenieuze manier weet Fitzek de lezer om de tuin te leiden, en een plot neer te zetten dat zo superspannend en verrassend is, dat je ademloos tot het einde doorleest.
En als het uit is wil je eigenlijk nog eens vooraan beginnen: hoe zat het nou?
Hij wisselt het vertelperspectief af tussen Tramnitz, Winter, Berkhoff en nog anderen, waardoor de spanning nog meer stijgt.
En als het gedaan is met het verhaal volgt er een heel bijzonder dankwoord. Een dankwoord geschreven als een Fitzek-thriller, zo zegt hij het zelf.
Sebastian Fitzek studeerde rechtswetenschappen en werkt als journalist en schrijver voor radio en tv. Hij is de meester van de psychologische thriller. Van zijn boeken gingen in Duitsland reeds miljoenen exemplaren over de toonbank en ook in Nederlanden België heeft hij inmiddels een grote schare liefhebbers.

ISBN9789044360318 | paperback | 352 pagina's | Uitgeverij the House of the Books | april 2020

© Marjo, 23 april 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Het dorpHet dorp
Belinda Aebi

Als Eline Jehaes, een jongedame die er van droomt een bekende journalist te worden, de auto van haar moeder in de prak rijdt, weet ze niet zo goed waar ze is. Haar telefoon heeft geen bereik, in kaartlezen is ze niet zo goed. Ze laat de auto achter, en gaat op onderzoek uit als ze een hond hoort blaffen. De weg volgend komt ze bij een rivier, de weg loopt het water in.
Een chagrijnige veerman zet haar over, en zo arriveert ze in Koolbeke.


De lezer denkt al snel te weten dat het een thriller wordt met een Amish-achtig tintje: het geïsoleerde dorp is vijandig ten opzichte van nieuwkomers – Eline dus – en ze ziet er mensen rondlopen met een akelig misvormd uiterlijk. Er zijn geen auto’s. Televisie en internet, dat gebruiken ze niet. Als ze tampons wil kopen, weigert de apotheker haar die ‘omdat ze niet getrouwd is’. Wat is dit voor achtergebleven dorp?


Gelukkig vindt ze wel onderdak. Een herbergierster (!), ene Sylvia, is gastvrijer dan de andere bewoners. Haar zoon is spastisch: hij zit in een rolstoel en kan niet praten. Gelukkig kan hij wel via een toetsensysteem communiceren.
Eline ontmoet Tessa die haar vertelt dat er plannen zijn met het dorp – een brug die de verbinding zal vormen met de bewoonde wereld bijvoorbeeld. En ze vertelt er bij dat niet iedereen daar blij mee is.

Wat Eline niet weet – en de lezer wel - is wat er achter de schermen van het dorp nog meer gebeurt. Maar ze is al wel getriggerd: hier zit een verhaal in!
Ze neemt contact op met een oude kennis, Eva. Een gesprek tussen Eva en Eline maakt eindelijk duidelijk waar dit boek om draait: Het Kolbekesyndroom, een akelige ziekte die de misvormingen veroorzaakt die Eline heeft gezien.


Dan komt deel twee - dat lijkt wel een ander boek! - waarin Hugo Cockaert het vertelperspectief vormt. Hij kondigt een revolutionair geneesmiddel aan tegen osteoporose. Cockaert denkt hiermee nog rijker te worden dan hij al is. Hij woont met vrouw en twee kinderen in een grote villa en leidt een bourgondisch leven.
Na de presentatie wordt Cockaert opgewacht door een onbekende. Die aangeeft dat hij helemaal niet zo onbekend is: twintig jaar eerder hebben ze elkaar al ontmoet. De man bedreigt Cockaert, hij eist een flinke som geld. Hugo’s fijne leventje staat vanaf dan compleet op zijn kop. De arrogante rijkaard die denkt overal mee weg te komen, stuit nu op ondoordringbare hindernissen. En hij blijkt ook zijn vrouw en kinderen niet zo goed te kennen.
De thriller begint…


Er volgen nog twee delen, een verteld vanuit Lea, mevrouw Cockaert. Het laatste is weer voor Eline. Met deze ietwat vreemde warrige opbouw trekt de schrijfster haar lezers wel het verhaal in. Er zit nog een ander thrillerelement in het verhaal verwerkt, dat wel aangeeft wat voor soort dorp het is, maar dat was toch al wel duidelijk, dus enigszins overbodig.
De schrijfster zet je steeds op een ander spoor, waardoor je nieuwsgierig wordt wat je nu eigenlijk aan het lezen bent. Omdat het een lekker leesbaar verhaal is, met personages die je buren zouden kunnen zijn, blijf je gelukkig wel doorlezen.


Als je dat eenmaal weet laat het verhaal je niet meer los. Het thema is uit het leven gegrepen, behalve misschien dat afgelegen dorp. Dat lijkt in deze tijd, en in Vlaanderen, niet zo realistisch. Maar er wordt dan ook aan gewerkt om het voor de wereld te openen.
De manier van schrijven is eenvoudig, met veel details en vaak wat sappig Vlaams in de woordkeuze.


Belinda Aebi (1959) werkte 26 jaar als manager van de juwelenafdeling bij de firma Rodania, het horlogebedrijf dat door haar Zwitserse vader in België werd opgericht en uitgebouwd. In het boek Swiss Made (maart 2008) tekende ze zijn levensverhaal op. Tijdens het werken aan deze biografie ontdekte ze haar "goesting" om te schrijven. Het Dorp is intussen al haar tiende boek.

ISBN 9789463967020 | paperback | 436 pagina's | Uitgeverij Hamley Books | december 2019

© Marjo, 22 april 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Vuurmoord
Jorun Thørring


Op 15 oktober 2007 loopt er een man rond het huis van de familie Fjeld in Tromsø. Johan Fjeld meent z’n oudere broer Karl te herkennen, maar dat is onmogelijk, want die is bij de grote brand in het oude centrum van Tromsø op 14 mei 1969 om het leven gekomen. De man belt aan, maar Johan doet niet open. Vervolgens keren we terug naar het moment van deze brand. Is Karl Fjeld wel bij deze brand om het leven gekomen?
De lezer weet al snel dat dit niet het geval is, maar wie is de dode dan wel?


Als er op 16 oktober 2007 weer een brand uitbreekt, waarbij een slachtoffer valt, krijgt politie-inspecteur Aslak Eira de leiding over het onderzoek. Daar het duidelijk wordt dat Karl Fjeld inderdaad weer is opgedoken, gaat de aandacht ook uit naar de brand in 1969. Men gaat op zoek naar getuigen, maar die worden een voor een het zwijgen opgelegd.


Ook het privéleven van Aslak Eira speelt weer een rol in dit boek. Hij heeft problemen met z’n zoon Niilas, die met een vriendin is thuisgekomen, waar Aslak z’n bedenkingen bij heeft. Deze vriendin blijkt wat tamelijk onaangename kanten te hebben, hoewel dit deel van het verhaal niet helemaal uitgewerkt is.


Het is weer een spannend boek geworden, dat heen en weer schiet tussen het heden en de gebeurtenissen in mei 1969 en tot op de laatste bladzijden is het onduidelijk wie de dader is. Eigenlijk blijf je als lezer zelfs dan nog wel met een paar vraagtekens zitten.


ISBN 978 90 6306 623 9 | Paperback | 358 pagina’s | Davidsfonds | 2012
vertaald door Neeltje Wiersma

© Renate 30 maart 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Ondergronds

Ondergronds
Lidewij Martens


Over de Amsterdamse metrolijn Noord/Zuid is al heel wat te doen geweest, maar plaats delict voor een seriemoordenaar?
Lidewij Martens durft het aan een thriller te schrijven waardoor je geen ondergrondse metrolijn meer durft te betreden, waar dan ook.
Haar hoofdpersoon is Flo Berge. Zoals bij de meeste boekenspeurders gaat het in haar privéleven niet zo soepel, maar is ze daarentegen een slimme en gedreven inspecteur. Doordat ze klein van stuk is heeft ze al vroeg geleerd om van zich af te bijten, zij laat zich niet op haar kop zitten.

Het eerste slachtoffer is een vrouw die gevonden wordt in metrostation Noord. De metro rijdt daar nog niet, maar de opening is binnenkort. Al snel is duidelijk dat het niet om zelfmoord gaat, maar verder zijn er nauwelijks aanwijzingen. Flo heeft de kans nog niet gehad om gedegen onderzoek te gaan doen als er een tweede dode gevonden wordt: in het volgende metrostation, Noorderpark.
Het enige wat de twee casussen gemeen hebben is dat de slachtoffers gevonden zijn in een metrostation. Er is geen enkele aanwijzing dat het een en dezelfde moordenaar is. Toch moet het onderzoek in die richting gaan denkt Flo.


De pers, in de persoon van Vanessa, hijgt in haar nek:


‘Aan de opeenvolging van moorden op de nog net niet operationele Noord/Zuidlijn in Amsterdam is weer een slachtoffer toegevoegd. Het ligt hier recht achter mij, onderaan de roltrap die toegang verschaft tot…’


Als Vanessa op dit punt gekomen is, snoert Flo haar de mond. Ze vraagt zich af hoe het kan dat deze journalist iedere keer zo snel op de locatie is. Is er een lek op het bureau? Is Vanessa op een andere manier betrokken bij de zaak?
De zaak wordt nog gecompliceerder als Flo ook persoonlijk bedreigd wordt. Ze weet niet of dat ook verband houdt met de zaak, maar ze wordt wel voorzichtiger, vooral ten aanzien van haar geliefde hond Hunter. En haar zoon natuurlijk.
Toch lijkt de moordenaar – het moet er wel eentje zijn – haar steeds een stap voor te blijven. En er zijn nog meer stations op de Noord/Zuidljn...


De plot is origineel en zit goed in elkaar. Martens volgt het geijkte patroon: natuurlijk is er onenigheid op het politiebureau, is er een meerdere die zich wil profileren ten koste van zijn ondergeschikte. Net als het feit dat Flo de stereotype speurder is, met de haast gebruikelijke vermenging van privé en werk.
Maar de spanning wordt rustig opgebouwd tot een bijzondere ontknoping. Martens schrijft zo beeldend dat je de scenes voor je ziet, met als gevolg dat je wel twee keer nadenkt voor je de metro weer instapt!


Lidewij Martens is roman- en scenarioschrijver. Zij schrijft voor televisieseries als Baantjer, IC, Spangen, Flikken Maastricht, SpangaS en Mees Kees, de serie. Martens heeft al diverse boeken op haar naam staan, zoals: Een plek om te schuilen, Tot je valt, een roman die eerder uitkwam onder de naam Dubbel rood en Steigereiland.


ISBN 9789402704914 | paperback | 436 pagina's | Uitgeverij Harper Collins | februari 2020

© Marjo, 8 april 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Dag en NachtDag en nacht
Romy Hausmann


Lena is al veertien jaar spoorloos. Haar vader Matthias heeft nooit de hoop opgegeven, hij verdenkt haar ex-vriendje Mark, maar volgens de politie heeft hij een alibi. Toch blijft Matthias daar aan vasthouden. Lena’s moeder, Karin, wil alleen maar dat ze haar dochter kan begraven.Als ineens die politieman belt met het bericht dat ze gevonden is en na een ongeluk in het ziekenhuis ligt, heeft Matthias het niet meer. Hij gaat er onmiddellijk heen. Na een vreselijke rit moeten ze nog wachten tot ze bij Lena mogen. En het is iemand anders. Een onbekende.


De schok is groot. Maar dan ziet Matthias in de gang van het ziekenhuis een meisje op hem af komen. ‘Lenie’, stamelt Karin, die het ook ziet. Het kind is precies hun Lena toen ze die leeftijd had. Het meisje is Hannah, de dochter van Lena. Maar die vrouw is Lena niet! Hoe zit dit?

Hannah vertelt over een hut, waar zij woonde met haar papa en mama en een broertje, Jonathan. De politie vindt de hut, en de jongen én een dode man, wiens gezicht tot pulp geslagen is. Lena, die Lena niet is, biecht op dat zij dat gedaan heeft, bij haar ontsnappingspoging. De man wilde dat zij deed alsof ze Lena was. Ze moest een moeder zijn voor de kinderen, en gedrieën moesten ze zich aan strenge regels houden. Er waren vaste tijdstippen voor alles, bijvoorbeeld ook om naar de wc te gaan. Lena werd vastgebonden in bed. De ramen waren geblindeerd.
De man besliste over dag en nacht.


Lena blijkt de 23-jarige Jasmin te zijn. Ze heeft geen familie, alleen een vriendin, de enige die nu ook naar haar omkijkt. Maar Jasmin zit zwaar met zichzelf in de knoop. Ze heeft een moord gepleegd. Ze heeft de kinderen in de steek gelaten. Ze kan niet voor zichzelf zorgen, de media liggen voor de deur, en dan krijgt ze ook nog vreemde briefjes. 'Spreek de waarheid.'


Omdat het verhaal verteld wordt vanuit verschillende personages, is voor de lezer het verhaal tegelijk makkelijker te volgen als juist extra mysterieus.
Matthias wil zijn kleindochter in huis halen. Dat gaat niet zonder slag of stoot.Het meisje Hannah is erg intelligent, maar heeft een autistisch syndroom, waardoor haar gedrag niet te begrijpen is. Jasmin is de derde verteller.


'Ik zit gevangen, daar heeft mijn ontsnapping niets aan veranderd.'


Hun verhalen draaien allemaal om Lena. Waar is zij gebleven? Hoe kan het dat de kinderen Jasmin zonder meer als hun mama zagen? Wie is de pater familias en waarom deed hij wat hij deed? Je denkt als lezer toch wel enkele keren dat je weet hoe het zit. Maar Romy Hausmann houdt je voor de gek! Bovendien laat ze wijselijk de dader niet aan het woord.


Het is een spannende thriller, meer door de psychologische toonzetting, door de reacties op andermans acties. Omdat de belangrijkste personages ieder hun eigen problemen hebben, reageren ze niet zoals je zou verwachten. En dat maakt het af en toe gruwelijk spannend. Maar Hausmann houdt het ook geloofwaardig en dat is knap. Haar debuut smaakt naar meer!


De Duitse Romy Hausmann (1981) was hoofdredacteur van een televisieproductie in München.


ISBN 9789402703542 | paperback | 338 pagina's | Uitgeverij Harper Collins | augustus 2019
Vertaald uit het Duits door Jan Smit

© Marjo, 2 maart

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Een dader evenmin.


Tess Hjalmarsson, inspecteur bij de politie van Malmö, is het hoofd van de Zweedse coldcasesafdeling. Zij heeft zich vastgebeten in de zaak van Annika, omdat ze de familie die al die tijd in onzekerheid verkeert, wil helpen duidelijkheid te krijgen. Maar als een verkrachter die actief is in Malmö nu ook een dodelijk slachtoffer heeft gemaakt, krijgt ze de opdracht van haar meerderen om de cold cases te laten zitten.
Tess is daar niet blij mee, en blijft toch onderzoek doen.
En dan verwijst het onderzoek naar de verkrachter ook naar het dorpje Simrishamn. Hij zou daar geweest moeten zijn in de tijd dat Annika verdween. Het onderzoek is toen nogal knullig uitgevoerd, het is lastig voor Tess om duidelijke aanwijzingen te vinden, laat staan bewijzen. Ze praat met de vrienden van Annika. Er waren getuigen, die geschreeuw hebben gehoord.
Maar als de man die bekend staat als de Vasby-man (omdat hij ook toegeslagen heeft in die plaats in Denemarken) inderdaad in diezelfde tijd daar was, weet hij dan meer?

Is hij misschien ook de moordenaar van Annika?

Een spannende zoektocht volgt. Tess wordt geholpen door een profiler die handige tips geeft, en een zwangere collega met een heel eigen stijl. Er is ook iemand die steeds voortijdig feiten lekt naar de pers. Dat vinden ze heel vervelend, maar het blijkt wel te helpen. De dader leest namelijk ook kranten en doordat hij zich aangesproken voelt reageert hij. Want het is een man met een missie, met speciale voorkeuren en ideeën.

Zoals dat vaak het geval is bij Zweedse thrillerschrijvers zal ook
Tess Hjalmarsson vaker de hoofdpersoon zijn in een thriller. Dus lezen we meer over haar privébesognes, die als een rode draad door de verschillende boeken zullen gaan lopen.
De zaak waar zij in dit eerste deel mee bezig is wordt verteld vanuit meerdere perspectieven. De slachtoffers, getuigen, en verdachten, van beide zaken, de verkrachtingen en de verdwijning van Annika. Die afwisseling werkt de spanning in de hand, zodat er zeker belangstelling gewekt wordt voor een volgend verhaal.

Helaas zitten er in de tekst nogal wat slordigheden, tik- of vertaalfoutjes, die hopelijk voorkomen worden bij de vervolgdelen.

De Zweedse Tina Frennstedt is misdaadverslaggever met een fascinatie voor Cold cases. Het is duidelijk dat haar werk haar inspiratie geeft!
Verdwenen is haar eerste thriller, en we kunnen er wel van uit gaan dat er een nieuwe schrijfster is opgestaan die de lezer een succesvolle serie zal gaan voorschotelen.
Zij won alvast de Winnaar Crimetime Award 2019 voor het Debuut van het jaar.

ISBN 9789402704228 | paperback | 400 pagina's | Uitgeverij Harper Collins | november 2019

Vertaald uit het Zweeds door Neeltje Wiersma

© Marjo, 27 februari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

SchemertijdSchemertijd
Jorun Thørring


Als in Fredheim, een internaat dat 30 jaar geleden gesloten is, een paar spelende kinderen een lijk in een oude boiler vinden, worden Aslak Eira en z’n team erbij gehaald. Later wordt Aslak op straat aangesproken door Britt Moe, een dakloze vrouw, die hem wil spreken over het gevonden lichaam. Britt heeft zich bekeerd tot het christendom, haar junkiebestaan in Oslo vaarwel gezegd en is teruggekeerd naar Tromsø, waar ze een religieus blaadje verkoopt.


Daar Aslak geen tijd heeft, zegt hij dat ze de volgende dat maar naar het politiebureau moet komen. Dat gebeurd niet, want de volgende dag wordt de vrouw dood in de haven van Tromsø gevonden, samen met Bjørn Gregersen, een oud klasgenoot van haar, die z’n roes bij haar lichaam uitslaapt.


Britt had zelf in Fredheim gezeten en probeerde haar vroegere klasgenoten er toe te bewegen een boekje open te doen over de zaken die zich in Fredheim af hadden gespeeld. Aslak wordt zelf met z’n eigen verleden als Samen geconfronteerd. Ook kinderen van Samen belandden vaak in internaten, omdat de leefwijze van de Samen niet overeenstemde met wat men wilde. Eigenlijk is dit iets dat we in alle landen zien waar een inheemse bevolkingsgroep een andere leefwijze en een andere taal heeft.


Het is een spannend boek geworden, dat ook laat zien dat dingen die misschien met goede bedoelingen gedaan worden vaak voor veel leed kunnen zorgen.


ISBN 978 90 5908 702 6 | Paperback | 350 pagina’s | Davidsfonds | 2016
vertaald door Neeltje Wiersma

© Renate 17 februari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

ZoutzuurZoutzuur
Weerzinwekkend, verminkend, verwoestend
Peter J.L.M. Bernink

‘Adriënne van Gulik had haar eigen doodvonnis getekend. Zij zou de derde worden. Ze hadden er allemaal om gevraagd. De vorige twee was hij al bijna weer vergeten. Dat was goed. Te lang hadden ze hem pijn gedaan. Het probleem was echter dat hun dood hem niet de rust en de bevrijding had gegeven die hij verwacht had. Geen echte bevrediging. Meer iets dat schuurde en dat langzamerhand door het vele schuren glad was geworden. De derde moest meer opleveren.’


Het is 2014, als de moordenaar dit bij zichzelf bedenkt. Wat heeft deze Adriënne gedaan dat ze dood moet? In zijn ogen dan. En er waren twee anderen? Wie waren dat, en wat hadden zij gedaan?

Nu er geld blijkt te zijn om oude moordzaken – cold cases – opnieuw te bekijken, wordt hoofdinspecteur Kuitert benaderd door de ouders van Doortje van Capel. Deze jonge vrouw, 24 jaar toen zij stierf, is twintig jaar eerder in Groningen op beestachtige wijze vermoord. Zij werd verminkt teruggevonden, ze was overgoten met zoutzuur en levend begraven. Een dader werd nooit gevonden. De forensische technieken zijn verbeterd, en wie weet herinneren getuigen van toen zich andere dingen?
Tegen de zin van de officier van justitie neemt Kuitert contact op met Bert Koch, een oud-neuroloog, die zich graag in schijnbaar onoplosbare zaken vastbijt.
Toch waarschuwt Koch de ouders dat er weinig hoop is. Het is al zo lang geleden. Maar de ouders confronteren hem met het feit dat hij zelf bij hun dochter in de zesde klas van de lagere school zat. Dat intrigeert hem, en hij opent de zaak. Dinah Kreulder die behalve een uitstekende secretaresse, ook geoefend is in vechtsport, en nog meer verborgen talenten heeft, is zijn assistente. Ook haar vriendin Lenie Tak, expert in ICT-zaken, wordt op de zaak gezet.
Dan ontdekken ze dat er tien jaar geleden in Deventer een moordzaak was, waarbij een jonge vrouw op soortgelijke manier om het leven kwam. Ook hier werd nooit een dader gevonden. Dat de link niet eerder gelegd is, heeft te maken met nalatigheid van het team in Deventer.

Nu verdwijnt er in Utrecht opnieuw een vrouw, Adriënne van Gulik. Als zij na een tijdje gevonden wordt, is er onmiddellijk herkenning: hier is dezelfde dader bezig geweest!
Maar als Koch nu dacht dat de moordenaar snel gevonden zou worden, heeft hij het mis. Ze blijken te maken te hebben met iemand, die geen sporen achterlaat. Hij lijkt onzichtbaar. Als ook nog duidelijk wordt dat hij een meesterhacker is, meer thuis in de wereld van de cybercriminaliteit dan welke ICT-er bij de politie ook, wordt het verdraaid lastig hem op te sporen. Hij lijkt te weten wat de politie doet en blijft hen steeds een stap voor. En durft hen zelfs te bedreigen. Ook Koch is zijn leven niet meer zeker.

Omdat de lezer eveneens een inkijkje krijgt in het leven van de dader, kunnen we dat gevaar goed volgen. Wij weten dat hij niet onderschat moet worden! De man – dat het een man is weten we – is in zijn eigen wereld een genie.

Superspannend verhaal! Regelmatig worden de verschillende feiten opnieuw op een rijtje gezet, dat is prettig want meestal kun je een boek als dit niet in een keer uitlezen. Maar nu hoef je niet terug te bladeren om uit te zoeken hoe het ook al weer zat.
Bernink gebruikt vaak cliffhangers met een beetje humor:

'Samen zouden ze dat varkentje wel even wassen.
Het liep anders.'

Behalve de moordzaak rond de seriemoordenaar speelt op de achtergrond ook de concurrentie binnen het politiekorps een rol. Er zijn verschillende blaaskaken die het de goede speurders niet bepaald makkelijk maken, van die machomannetjes die denken de wijsheid in pacht te hebben, of mensen die ten koste van een ander hogerop willen komen.
Gelukkig zijn er ook goede, integere politiemensen.
Wie is hier de slimste mens? De moordenaar is wel een grote kanshebber…

Peter J.L.M. Bernink (Enschede, 1944) was cardioloog van beroep. Hij was werkzaam in Groningen. In 2014 verscheen zijn eerste thriller Geen weg terug. Na Valse hoop (2015), Kwade vrienden (2016), Het Icoon (2017) en Gifgas (2018), is Zoutzuur zijn zesde thriller.

ISBN 9789493059306 | paperback | 333 pagina's | Uitgeverij Palmslag | december 2019

© Marjo, 8 februari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Deventersestraat
De zeven Deventer moordzaken 9
Marcel Verreck


Marcel Verreck heeft 4 boeken in de serie Zeven Deventer Moordzaken geschreven. De eerste 4 delen zijn geschreven door Almar Otten en hebben andere hoofdpersonen.


Dit boek heeft dezelfde hoofdpersonen als de andere thrillers van Marcel Verreck. Die gaan over het team rond Martin Taal, met Teun Alderlieste, Charlotte Groot Kormelink en Partrick Warns. Dit boek is anders dan de andere boeken rond dit team. Er zijn allerlei andere mensen die een grote rol spelen in het verhaal.


Zo is daar de dromerige Elisabeth uit Bathmen, die altijd te laat op school komt, omdat er altijd zoveel te zien is. Elisabeth heeft een klasgenootje Teun, die naar de politie-academie wil. Na haar middelbare school gaat de fantasievolle Elisabeth een reis maken, die haar onder andere naar Hanoi zal brengen. Dat ze in hoofdstuk 5 in vlucht MH17 stapt, geeft wel even een raar gevoel bij mij als lezer, maar ze komt gewoon op haar bestemming aan. In het boek lezen we het nodige over haar avonturen.
Dan is er de beloftevolle politicus Ulli Krijger uit Deventer met Molukse wortels. Hij is de nieuwe sensatie van het Binnenhof. Ook hem leren we beter kennen en in het laatste deel van het boek is hij ineens verdwenen.


Martin Taal, die uit Den Haag komt, waar zijn vader Piet Taal ook bij de politie werkt, nodigt een deel van het team uit om een aantal dagen in Den Haag door te brengen. Patrick Warns moet in Deventer blijven, voor het geval er toch iets gebeurt.


Teun en Charlotte verblijven in de woning van een docent aan een particuliere theaterschool. De woning zit boven een ijssalon, die gedreven wordt door 2 Italiaanse broers, die behoorlijk onder de plak van hun moeder zitten.


Het verhaal springt van de ene naar de andere persoon, maar het is wel goed te volgen. Op een gegeven moment lees je brieven van iemand aan Ulli Krijger, die duidelijk op een verliefdheid van de briefschrijfster duiden. Als je denkt dat je weet hoe het een en ander in elkaar zit, blijkt het allemaal toch weer anders te zijn.


ISBN 978 94 90548 28 5 | Paperback | 297 pagina’s | ArtNik | mei 2017

© Renate 5 februari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Gebroken glasGebroken glas
Anja Feliers

Waarom wil de zeventienjarige Emmy een einde maken aan haar leven? Is het alleen omdat ze niet kan verwerken dat haar moeder het gezin zonder opgaaf van redenen in de steek heeft gelaten? Of is er meer aan de hand?
Het is, beseft ze achteraf, een groot geluk dat haar broer Matteo net op tijd thuiskwam om haar te redden.
Het brengt het verkleinde gezin in rep en roer. Mathijs, de vader, chirurg van beroep, staat er op dat Emmy hulp zoekt. Zo komt ze terecht bij Kathleen, die een dienst verleent aan haar vriendin Liesbeth, de zus van Mathijs. Ze zit zelf nog in de lappenmand na de scheiding van haar man Lennert en de problemen in haar nieuwe relatie met Lucas. Zowel met de eerste als de tweede man is ze eigenlijk nog niet klaar. Ze maken op een of andere manier nog deel van haar leven, zo komt ze niet tot rust.


Maar Emmy en diens problemen fascineren haar. Ze voelt dat er iets is wat het meisje niet vertelt, en drukt haar op het hart dat ze altijd, al is het midden in de nacht, kan bellen.
Het is inderdaad niet alleen het plotselinge vertrek van moeder Isabel dat Emmy dwars zit. Haar vriend Tom, ook buurjongen, heeft pas de relatie beëindigd, ook al zonder te zeggen waarom.
Matteo wil zijn zus helpen en stapt naar Tom, om naar de reden van de breuk te vragen. Hij ontdekt schokkende dingen.
Als Emmy besluit weer om te gaan met haar vriendinnen, valt een man haar lastig. Dit voorval triggert evenwel iets, waar ze mee naar Kathleen stapt.
Mathijs heeft nog een probleem: moet hij Isabel inlichten? Als Kathleen zegt van wel, staat zijn ex wel meteen op de stoep…

Achteraf weet je als lezer dat er kleine aanwijzingen waren dat er meer gebeurd was dan er verteld wordt, maar pas heel laat, het boek is al half uit, wordt duidelijk dat het toch echt een thriller is.
Als je het volhoudt tot daar, wil je wel doorlezen, dan ben je intussen nieuwsgierig naar wat Emmy dan wel verbergt. Hetgeen haar overkomen is, kun je terecht een trauma noemen.
De thema’s zijn machtsmisbruik, wraak en verdrongen emoties.
Een chickthriller dus, met heel veel relatieproblemen en tenslotte toch spanning en gevaarlijke situaties. En een daverend slot.


Anja Feliers (1971, Bilzen) is een Vlaams schrijfster van kinderboeken en boeken voor volwassenen. Zij woont in Rekem, waar dit negende boek rond dezelfde hoofdpersoon, de psychologe Kathleen Verlinden zich afspeelt.

ISBN 9789463831109 | paperback | 292 pagina’s | Uitgeverij van Halewijck | september 2019

© Marjo, 27 januari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

De quantumdetectivesDe Quantumdetectives
Theo Barkel & Johan Klein Haneveld


2035. Het gaat niet goed in Nederland:
in het oosten komen steeds vaker aardbevingen voor en in het westen rukt het water steeds verder op. Wil men belangrijke oudere gebouwen in goede staat houden, dan zal er flink gerenoveerd moeten worden om te voorkomen dat al die gebouwen instorten.


Intussen heeft de technologie een vaart genomen: mensen hebben een ingebouwde chip, een microsmartphone als het ware: door oogbewegingen kan men communiceren, een gps-systeem of zelfs een browser opstarten. Auto’s rijden zelf, terwijl de inzittende andere dingen doet; ook in kleding zitten allerlei foefjes ingebouwd. Maar er is nog steeds geen kruid gewassen tegen ziektes als malaria, zodat Rechercheur Nadine Sanders als enige beschikbaar is als er een vreemde zaak gemeld wordt.


Bouwlieden hebben bij onderzoek naar verziltingverschijnselen een loden kist ontdekt die in de muur ingemetseld zat. Niemand heeft op dat moment een vermoeden dat het de doos van Pandora is. In de kist wordt een lijk aangetroffen, dat daar al twintig jaar in zit, maar: het is in perfecte staat! Als de patholoog in bijzijn van Nadine en haar assistent Jamil begint aan de autopsie, doet hij daarbij opzienbarende ontdekkingen. De onbekende heeft onder zijn normale menselijke uiterlijk een metalen skelet! En zijn schedel blijkt van kristal te zijn.


‘Jullie halen toch niet een grap met mij uit, hè? 1 april is pas over een half jaar!’
Nadine stak verdedigend haar handen op en schudde haar hoofd. ‘Ik zou niet durven. Je hebt de beelden gezien. Dat ding kwam uit een twintig jaar oude loden kist.’


Het is bepaald geen grap. Dat zullen ze snel genoeg ontdekken. De patholoog geeft aan dat hij niets kan met een lijk dat geen lijk is. Er moet iemand anders bij gehaald worden. Dat wordt Arianne McDorwin van de TU Delft, een hoog gewaardeerde professor in de robotica, die eveneens gepubliceerd heeft over Atlantis, UFO’s en nog meer van dat soort bijzondere zaken. Ook heeft ze kennis van kristallen schedels.


Nadine wordt van de zaak gehaald: tenzij de robot bij een misdaad betrokken raakt, is deze zaak niet haar pakkie-an. Een misdaad in de bekende zin van het woord begaat de robot niet, maar er gebeuren wel allerlei kwalijke zaken waardoor Nadine er toch bij betrokken blijft.

Men denkt aan een terroristische aanslag als er in de kerncentrale ‘kleine storingen’ optreden. Die storingen nemen grote vormen aan, hele systemen worden lam gelegd.


Maar het is niet wat ze denken. De robot blijkt de aanstichter van een ramp: de aarde wordt overgenomen door robots. Eenmaal gevoed met straling lijken ze onoverwinnelijk. Maar zij zijn niet de enigen die een aanval op de aarde gepland hebben. Wie zijn die mensen die zich Men in Black noemen en die quantumvelden maken en beheersen? Wie is de echte vijand? Kan de mens dit overleven?


De Quantumdetectives is een sciencefiction verhaal met een beetje maatschappijkritiek. Het ontbreekt het duo Barkel-Klein Haneveld gelukkig niet aan talent om een nietsvermoedende lezer geboeid te houden als deze steeds verder verstrikt raakt in de ongebreidelde fantasie waaraan zij hem of haar bloot stellen. Het verhaal zit vol actie, en de spanning wordt rustig opgebouwd en ook de humor ontbreekt niet.
En er zit nog een klein addertje onder het gras: ruimte voor een vervolg?


Theo Barkel (1968, Rotterdam) is jarenlang hoofdredacteur geweest van een boek- en filmmagazine. Hij heeft al verschillende romans op zijn naam staan en vele artikelen over uiteenlopende onderwerpen.


Johan Klein Haneveld schreef onder andere het Fantasytweeluik 'De Krakenvorst'. Tevens is hij vaste medewerker van het SF-tijdschrift Fantastische Vertellingen.


ISBN 9789078437710 | paperback | 212 pagina’s | Uitgeverij Macc | december 2019

© Marjo, 15 januari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Perfecte restenPerfecte resten
Helen Fields

 

In het eerste hoofdstuk zien we hoe een man het lichaam van een vrouw verbrandt, nadat hij eerst nog even haar linkerbovenarm heeft gebroken. Hij laat wat losse tanden in de mond van het slachtoffer vallen en hij laat ook nog een met bloed besmeurd stuk stof van een zijden sjaal achter, waar hij een zware steen op legt. Elders laat hij een metalen honkbalknuppel, zonder vingerafdrukken, maar met wat bloedresten onder wat stenen achter en een meter verderop laat hij nog een tand met wat draadjes tandvlees vallen. Hier schopt hij wat aarde overheen en vervolgens keert de man terug naar huis.


In de volgende hoofdstukken maken we kennis met Luc Callanach en Ava Turner, die bij de politie in Edinburgh werken. Luc Callanachs heeft bij Interpol in Frankrijk gewerkt en wordt door z’n nieuwe collega’s gezien als een buitenstaander, die niet echt welkom is. In Edinburgh wordt juriste Elaine Buxton vermist en vermoed wordt dat het lichaam, dat in het eerste hoofdstuk verbrand wordt, en dat zich in de Cairngorms bevindt, wel eens van de vermiste vrouw kan zijn.


Al snel maken we kennis met Reginald King, die zich dr. King noemt. Hij werkt als administratief medewerker op de universiteit en is een narcistisch, misogyn en sadistisch mannetje. Hij is van mening dat hij een betere positie verdient, omdat hij per slot van rekening ook af is gestudeerd. Dat hij z’n diploma heeft gekregen van een vage Amerikaanse universiteit, die iedereen die een proefschrift en het juiste geldbedrag stuurt, een diploma geeft, vindt hij niet ter zake doen. We leren ook dat hij de ontvoerder van Elaine Buxton is en dat de vrouw nog in leven is. Haar tanden zijn verwijderd en samen met het lichaam van een anonieme prostituee gebruikt om de politie er van te overtuigen dat Elaine Buxton dood is.


Dan verdwijnt er een tweede vrouw. Dit is dominee Jayne Magee en via de kerk waar zij actief is wordt de politie de hulp van professor Edward Harris opgedrongen. Hij is lid van de kerk en biedt z’n diensten gratis aan. Hij heeft ervaring met misdaadanalyse en weliswaar is de chef van Luc Callanach ook niet echt gelukkig met zijn ‘hulp’, maar hem afwijzen is lastiger dan het maar accepteren. Dat het profiel dat de professor schetst totaal niet klopt, weet de lezer al, want het boek laat vrij gedetailleerd zien wat Reginald King met z’n slachtoffers doet. De spanning zit dus meer in de vraag of de politie nog op tijd zal komen om z’n slachtoffers te redden, waarbij je je overigens nog af kunt vragen hoe de slachtoffers ooit nog een normaal leven zullen kunnen leiden.


Ava Turner is vooral bezig met een andere zaak. Er zijn namelijk 2 dode baby’s gevonden en later wordt een derde baby gevonden, die nog in leven is. Als men ontdekt hoe deze zaak in elkaar zit en Ava Turner zich hierover uitspreekt, wordt ze op non-actief gezet, omdat haar uitspraken niet goed vallen in bepaalde kringen.


Al met al is het toch wel een spannende thriller, hoewel Reginald King toch wel een beetje eendimensionaal blijft. Verwacht geen dieper liggende achtergrond, behalve dat de dader een enorme engerd is, die vooral van mening lijkt te zijn dat hij geweldig is en dat iedere vrouw eigenlijk zijn mindere is.
Ik kijk uit naar een volgend boek over Luc Callanach en Ava Turner en hoop dat dan niet direct duidelijk is wie de dader is. Ook de gruwelijke details zouden misschien ietsje minder kunnen. Het lezen vergt in ieder geval een sterke maag.


ISBN 978 90 263 4699 6 | Paperback | 409 pagina’s | Ambo Anthos | september 2019 | vertaald door Ernst de Boer en Ankie Klootwijk

© Renate 12 januari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Vrouwen zonder genadeVrouwen zonder genade
Camilla Lackberg


De MeToo-beweging is een beweging tegen seksueel grensoverschrijdend gedrag. Zij begon in oktober 2017 met de hashtag #MeToo op Twitter en andere sociale media die viraal ging en in vele landen in verschillende benamingen navolging kreeg.


In deze thriller ontdekken drie vrouwen dat ook zij sterker zijn dan ze dachten, en vooral ook sterker dan hun mannen aannamen!
Ingrid en Tommy vormen een succesvol echtpaar. Tommy is hoofdredacteur bij een krant met een goede naam, terwijl Ingrid haar veelbelovende baan als journaliste opgegeven heeft toen hun dochter geboren werd. Dat was haar eigen keus, maar nu ze ontdekt heeft dat haar man vreemd gaat, beseft ze dat terwijl hij doet wat hij wil, zij op een zijspoor gezet is. Als ze bovendien ontdekt dat Tommy, die goed in de smaak vallende artikelen schrijft over de Me-Too beweging, maar tegelijk twee vrouwelijke collega’s die aangeven dat collega’s op de krant werken hen aangerand hebben, weigert te helpen, is de maat vol.


Victoria dacht jaren terug het geluk gevonden te hebben: via een contactadvertentie is zij vanuit Rusland naar Zweden gekomen en getrouwd met Malte, die zo aardig leek. Maar al snel ontpopte hij zich tot een tiran, die Victoria ziet als een slavin, een postorderbruid die hij volledig in zijn macht heeft.


De derde vrouw is Birgitta, een leerkracht die bijna aan haar pensioen toe is. Haar man mishandelt haar, zo erg dat ze de oproepen voor onderzoeken uit het ziekenhuis naast zich neerlegt: dan zou men immers zien hoe ze er aan toe is. Ze moet die onderzoeken ondergaan omdat er borstkanker bij haar geconstateerd is. Haar kinderen zijn het huis al uit, niet meer afhankelijk van haar. 
Birgitta bedenkt een plan dat definitieve vormen aanneemt als ze online in contact komt met Victoria en Ingrid. Ze zullen afrekenen met hun arrogante en dominante mannen…

De vrouwen nemen een besluit, en brengen hun plan zonder daar verder over na te denken ten uitvoer. Het boek had makkelijk een heleboel pagina’s dikker kunnen zijn, als Camilla Läckberg er voor gekozen zou hebben om de karakters dieper uit te werken, meer te vertellen over hun situatie, over eventuele twijfels en beweegredenen. Maar de kracht van dit verhaal ligt juist in de snelle afwikkeling. De hoofdstukken, met steeds een ander vertelperspectief, zijn kort, en ook de manier van schrijven is kordaat: korte zinnen, geen uitweidingen.
Er zijn drie delen: deel een schetst de situatie, deel twee en drie de uitvoering en dan volgt nog een epiloog. Kort maar krachtig, met de onderliggende boodschap dat wij vrouwen ons niet moeten laten koeioneren!


De Zweedse Camilla Läckberg (1974) is van huis uit econoom, maar is uitgegroeid tot een van de bestverkopende Zweedse thrillerauteurs. Inmiddels zijn een groot aantal boeken van haar verfilmd.

ISBN 9789044356274 | Hardcover | 156 pagina’s | Uitgeverij House of the Books | november 2019

© Marjo, 14 januari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

StofStof
Joanne Carlton

San Francisco.
Het einde van de wereld is snel. Als de eerste giftige stofwolk over de aarde neerdaalt is niemand zich nog bewust van dat feit, maar bij de volgende wolken is het duidelijk: dit overleeft niemand. Geen mens, geen dier. Gebouwen storten in, gewassen, planten en bomen, alles verdwijnt onder een dikke laag stof. Het gaat snel.

Het is 23 augustus 1996. Simon James bereidt zich voor op het einde. Drie weken eerder was alles nog normaal. Simon en Lisa waren gelukkig met hun zoon Charlie en hond Max.
En het is nog maar iets meer dan twee weken terug dat hij eerst zijn zoontje moest begraven, samen met de hond Max, zijn grote vriend. Zijn vrouw was al ziek, ook zij ligt in de tuin begraven. Ze heeft hem laten beloven dat als er een mogelijkheid zou zijn om te overleven, hij die kans moest grijpen. Ze kende hem te goed: dat zou hij niet willen.
Alleen achtergebleven met de stervende wereld om zich heen, heeft ook Simon het besluit genomen: vandaag is de laatste dag. Dagenlang al zit hij opgesloten in zijn huis, ver weg van alles en iedereen, de ramen en deuren dichtgetimmerd. Zijn laatste dag zou hij in stilte doorbrengen. Geen geluid, lawaai of stemmen, zelfs geen gezoem van elektriciteit.

En dan dringen mannen zijn huis binnen. Mannen met maskers die mond en neus bedekken. Zij dragen spierwitte overalls en felgele laarzen, en hebben een zuurstoftank mop hun rug.

‘Sta op, meneer James. De klok tikt snel en er is nog veel werk aan de winkel. Gaat u mee naar onze basis.’

Simonis dat niet van plan, maar hij heeft een zwakke plek: het hondje dat een tijdje terug opdook voor zijn deur. Een hulpeloos wezen, dat Simon volledig vertrouwt. En deze mannen dreigen de hond te vermoorden. Ze hoeven hem maar buiten te zetten. Het stof zal zijn werk doen.
Simon weet wat de bedoeling is. Kim, degene die nu alles voor het zeggen heeft, wil Simon hebben. Hij zal Adam worden, en leven in de Cocon. Dat is een immens grote glazen koepel, volledig zelfvoorzienend. Het werd gebouwd om te testen hoe de mens ooit op Mars zou kunnen overleven. Nu dient het om te kunnen overleven. Adam en Eva, poëtischer kan het niet. Het idee is ontwikkeld door Kim, de absolute leider. Zij is zo machtig dat tegenwerking nauwelijks zin heeft. Maar Simon zou Simon niet zijn als hij zich willoos naar de Cocon liet brengen. Waar hij maar kan biedt hij weerstand.

‘Kim heeft de Cocon veel krachtiger gemaakt, maar we hebben de aanpassingen nog niet kunnen uittesten. Bovendien zul je op een gegeven moment – zodra het stof is weggetrokken – terechtkomen in een primitievere wereld dan je nu gewend bent.’
‘Wat wil je nu precies zeggen? ‘ vraag ik geschrokken.
‘Dat je niet lang overleeft als je je blijft vastklampen aan oude gewoonten, Adam. Niemand komt je redden en er is geen elektriciteit tot beschikking. Alle luxe en technologie die je kent, verdwijnt voorgoed. Je moet vergeten dat die ooit hebben bestaan, want je bent niet in de mogelijkheid om dingen uit het verleden zomaar te repareren. Je komt in een geheel nieuwe, apocalyptische wereld terecht die jij en je nageslacht de komende jaren zullen leren kennen.’

De oplettende lezer heeft al gezien dat dit dystopische verhaal niet zoals gebruikelijk in de toekomst speelt, maar in het verleden. Dat geeft voor de schrijfster de mogelijkheid maatschappijkritische steken onder water te geven naar de huidige maatschappij. Het is namelijk niet alle het verhaal van wat er gebeurt na de stofwolken, er zijn delen die zich tevoren afspelen. Delen waarin we door Simons ogen moeten aanzien hoe de wereld naar de knoppen gaat. Zoals we weten gaat het met het klimaat, de oorlogen overal, en de negatieve kanten van de moderne technologie niet de goede kant op.
Dat gegeven verwerkt Joanne Carlton in een spannende what if-thriller.
Als je nog niet nadacht over onze toekomst, dan doe je dat na het lezen van dit boek wel.

Joanne Carlton is het Engelstalige pseudoniem van Sandra J.Paul. Zij debuteerde in 2017 met het ontroerende Heart-Beat, vertaald als Hart-slag. Deze werd opgevolgd door de thriller ‘Kill me again’. ‘Stof’ is de vertaling van haar derde Engelstalige werk Dust.

ISBN 9789463886017 | paperback | 300 pagina’s | Uitgeverij Hamley books | augustus 2019

© Marjo, 12 januari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Stille waterenStille wateren
Eva Nagelkerke

Het is bijna tien jaar geleden dat Sophie in paniek 1-1-2 belde. Ze heeft iets vreselijks gedaan, zegt ze tegen degenen die opneemt.
Als het verhaal verder gaat in 2018 woont de dan 29-jarige Sophie nog steeds in Hilversum bij haar ouders, die haar voortdurend controleren. Ze mag nergens naar toe in haar eentje, ook naar de wekelijkse therapiesessie en naar haar werk wordt ze gehaald en gebracht. Dat moet, zeggen haar ouders. Of: ‘het is beter zo’.
Als het nu nog gezellig in huis was, was het misschien nog te doen, maar haar moeder houdt zich aan strikte regels en ze laat duidelijk merken dat ze Sophie kwalijk neemt dat haar leven anders is dan ze had gewenst. En haar vader zwijgt. Er is nog een broer, Oscar, met wie ze iedere dinsdag gaat wandelen en pannenkoeken eten, maar ook Oscar kan of wil niet helpen.Hij heeft aan zijn eigen gezinnetje zijn handen vol.
Het leven van Sophie ziet er niet rooskleurig uit. En komt ze enigszins in opstand, dan dwingt haar moeder haar een extra pilletje te slikken. En dat terwijl ze zich niet eens herinnert wat ze dan wel gedaan heeft!
Sophie vertelt haar broer over de krantenknipsels die ze gevonden heeft gedaan heeft waarin zij ‘de witte dood’ genoemd wordt, zegt Oscar:

‘Je hebt iets ergs gedaan, Sophie, maar je bent geen slecht mens.’
Ze neemt een klein slokje van haar koud geworden muntthee. ‘Ik hoop maar dat zij dat ook vinden.’ brengt ze schor uit.’

Maar als ze vraagt of ze een cursus mag gaan volgen waarvoor ze enkele keren naar Utrecht zou moeten, weigeren haar ouders haar te brengen. Alleen gaan is uit den boze. Die cursus wordt niet alleen aanbevolen, maar ook betaald door haar werkgeefster. Sophie werkt in een bloemenwinkel, wat ze tegen eigen verwachting in leuk vindt. Jacobien, de eigenaresse, begrijpt niet dat Sophie niet gewoon haar leven in eigen hand neemt. Als Sophie vertelt wat er eigenlijk gebeurd is, voor zover ze dat weet dan, brengt Jacobien haar aan het twijfelen. Er zijn zoveel vragen, en als Sophie zich niet herinnert wat er nu eigenlijk gebeurd is, is het dan wel gebeurd zoals men aanneemt?
Zo komt het dat Sophie op onderzoek uit gaat. En al snel blijkt dat er iemand is die niet wil dat de waarheid aan het licht komt.

Door middel van flashbacks - een spannend verhaal op zich! - komt de lezer er langzaam achter wat er voorgevallen is, toen Sophie in Utrecht studeerde en op kamers zat.
Ook wordt er steeds gewisseld van verteller, en dat houdt de spanning er goed in. Het personage van Sophie kruipt onder je huid, terwijl je die moeder van haar wat zou willen aandoen!
Al is dit het eerste boek onder de naam Eva Nagelkerke, het is intussen al het derde boek van de zussen Alexandra en Victoria Nagelkerke en het smaakt naar nog meer!
De plot is origineel, en goed uitgewerkt met een uitstekende spanningsboog, je wil gewoon doorlezen tot het uit is. En mocht je als lezer denken te weten hoe het zit, nou dan heb je het mooi mis!

Een nagelbijtertje, deze psychologische thriller!

Alexandra en Victoria Nagelkerke werden geboren in Amsterdam en groeiden op in een dorpje aan de Loosdrechtse Plassen.Hun eerste gezamenlijke boek verscheen in 2015 (Te Koop-thriller) en stond direct op de shortlist voor de Hebban Thriller Debuutprijs.
Na het verschijnen van hun tweede boek (Zwaartekracht-thriller) schreven zij twee seizoenen van de Storytel Original ‘de Mooiste Tijd van je Leven’, voorgelezen door Abbey Hoes.

ISBN 9789402704631 | Paperback | 320 pagina’s | Uitgeverij Harper Collins | oktober 2019

© Marjo, 7 januari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

Recensies

Boven